Jelmer zijn vrouw heeft een probleem

Ik zit in de Bloeikas, een ronkende bolide parkeert op de oprit, de ouwe Tukker is gearriveerd. Jelmer is een baasje, hij is rond de vijftig, altijd onderweg, in mooie auto’s, zaken doen in en buiten Europa. Mooie leren tasje, vlotte kleding en een regelmatig trillende telefoon bij zich.

Hij praat energiek en overtuigend, hij komt ‘oet Twente’ en is daar heel trots op. Vanuit Enschede komt hij sinds enige maanden bij me in coaching. Reizen in onderdeel van zijn bestaan en zelfs identiteit.

Hij is niet helemaal uit zichzelf naar me toe is gekomen, en de druk vanuit zijn gezin op hem neemt toe….

A: Hi ouwe Tukker!
J: [energiek, twents] Hi jongen, hoe is het? Goed oe te zien! Leuk om hier weer te zijn, lekker weertje man. Krijg ik een kop koffie van je? Pfff, weer gedoe met Duitsland, die gasten….ik had oe vorige keer toch verteld? Nou, ze snappen het nog steeds nie. [blabla]

Dat dus, vol van zichzelf, in hoog tempo, één en al onrust.

A: Ik zie eigenlijk niet zo wat jouw probleem is Jelmer. Ik bedoel je hebt het geweldig voor elkaar…
J: [alert] Ja, nou, weej wat et is? Ik ga zo verdomde snel altied, en dat vind ik wel prima, maar mijn gezin…nou ja. Die vinden dat ik te veel weg ben.
A: Precies! Maar dat is hun probleem, jij vind dat prima. Sterker nog, ik denk dat jij het wel lekker vindt, en bovendien, iemand moet toch het geld verdienen.
J: Ja, dat denk ik dus ook.
A: Nou, lijkt me duidelijk. Zeg gewoon tegen je gezin dat zij een probleem hebben en dat zij naar de Bloeikas moeten komen, ze moeten jou gewoon lekker met rust laten zodat jij jouw business kan laten groeien, toch?! Je zegt letterlijk dat jij het wel prima vind…dus. Ik dacht dat die Tukkers altijd zo duidelijk waren, lekker kort voor de kop. Is jouw vrouw wel een Tukker eigenlijk?
J: [verrast] hoezo?
A: Nou Jelmer…dat hoef ik je toch niet uit te leggen.
J: Ach, misschien het ze ook wel gelijk…
A: Wat!? Natuurlijk niet man. Nog één keer Jelmer, jij hebt geen probleem. Jij bent lekker onderweg, in de auto, bellen met klanten, af en toe naar China om leveranciers te bezoeken, alles in jouw tempo. Jij hebt geen probleem! Dus de volgende keer stuur je jouw vrouw gewoon, doen we jouw kids daarna wel….die zijn 13 en 15 toch? We beginnen met Elsa.
J: [geirriteerd] Elsbeth!
A: Precies! En dat zeg ik gewoon tegen haar dat ze blij moet zijn met zo’n vent, wat hij allemaal voor haar en gezin doet. Daarom kunnen jullie zo mooi wonen, met zijn vieren op wintersport en vakanties. Ik denk dat ze gewoon zo’n verwend prinsesje is….[zeurende stem]…nou Jelmer, ik zou het fijn vinden als je eens wat vaker thus bent….wat een zeikwijf! Ik zou doodmoe worden, ik snap wel waarom je zo hard werkt. Ondankbaar!
J: [timide] Als je het zo zegt…..
A: [rap, dominant] Ja precies! Zo zit het Jelmer! Jij werkt maar en werkt maar, en dan stank voor dank, ik zou…
J: [steekt hand in de lucht, onderbreekt, hij oogt ineens kwetsbaar] Arno….Elsbeth heeft natuurlijk wel een punt…
A: [slaat Jelmer op schouder, knipoog]. Yeah right. Ouwe tukker! Je speelt het spelletje heel handig…
J: [stemverheffing] Nee echt Arno. Elsbeth heeft gelijk. Als ik zo doorga komt het niet goed!

A: Mooi! Dus wat is het probleem Jelmer?
J: [lange stilte en dan traag]. Ik werk echt veel te veel, ik zie mijn gezin hierdoor nauwelijks en ik heb het gevoel dat ik ze aan het kwijtraken ben…

Ik laat een lange stilte vallen, Jelmer erkent dat hij een probleem heeft. Het kwartje is gevallen. Jelmer wordt emotioneel, ik sta op om voor ons beiden water in te schenken. Hij staart voor zich uit. Als ik weer kom zitten kijkt hij me verdrietig aan.

A: Dat is niet zo mooi Jelmer.
J: [verbijt zijn emotie] Nee, nee…..da klopt.
A: Je gezin kwijtraken…..dat is niet zo mooi…..

Jelmer laat tranen. Hij probeert het tegen te houden, hij spant zijn middenrif, knijpt ogen dicht, af en toe een grom, een hmmp en een snik.


A: [lacht] Wat huilen jullie Tukkers raar!…Het gaat beter als je het laat gaan!
J: [lacht en huilt] Jij GVD, jij staat hier niet te janken… en vervolgens huilt hij even.

Jelmer kijkt me vervolgens aan, ogen rood, neus weer gesnoten. Met glimlach, dat was best ff lekker. Hij staat op en slaat me op mijn schouder, jij bent een mooie kloot!

Drie weken later stapt Jelmer uit en komt de Bloeikas weer binnen. Hij oogt wat zachter en rustiger. Het is tijd om het inzicht om te zetten naar verandering.

Dat heb je snel in de smiezen…

Hans is begin veertig, hij komt vandaag voor de eerste keer, na een korte telefonische afspraak. Ik ga direct van start.

A: [Hoog tempo] Hi Hans, ik zie het al. Een man van rond de veertig, drukke baan, relatief jong gezin en dus helemaal geen eigen ruimte. Je bent vast heel moe, kom eens zitten, koffie, thee of dubbele whisky.
H: [glimlach]Koffie, als het kan…
A: [enthousiast] Precies…dus je bent ook nog iemand die anderen niet tot last wil zijn…’Koffie als het kan…’ Jij bent een klassiek voorbeeld Hans. In huis is zij de baas, jij past je aan. Heb je kinderen?
H: Ja, twee
A: Precies, én een eigen zaak toch?
H: Ja, twee…
A: Ha! Twee zaken, twee kinderen en ook twee vrouwen?
H: [verrast] Wat?! Nee, ééntje. Een schat, echt waar….
A: Maar zij heeft de broek aan. Dus Hansje moet alles regelen, gaat conflictjes uit de weg, gaat vermijden en klein beetje liegen toch?
H: Huh…nou…liegen?!
A: [hand op schouder] Je bent een klassieke lieverd. Die te lief is voor anderen en dat teveel doet ten koste van zichzelf. En hierover niet helemaal eerlijk…liegen dus. Conflicten met anderen mijd je. Maar dus wel ruzie met jouzelf. En hierdoor helemaal geen eigen ruimte. En mede daardoor voel jij je niet goed.

H: Nou zeg…dat heb je snel in de smiezen.
A: Dank je. Is mijn vak. Ik ga koffie voor je maken…

In provocatief coaching werken we met ‘eerste ziensdiagnostiek’. Gebruik wat je als eerste ziet of ervaart als de client voor het eerst binnenkomt, heel vaak klopt deze intuitie. Bovendien hebben mensen in bepaalde leeftijdscategorieen vaak dezelfde problemen. Daarmee kun je snel tot de kern komen. Zo ook bij Hans.

Hans vertelt over zijn vrije bestaan tot zijn twintigste. Zijn neiging om anderen te willen helpen en pleasen. De druk van klanten, drukke gezin en zijn verminderde energieniveau sinds een half jaar.

Ik besluit door te zetten en Hans uit te dagen.

A: [energiek met veel gebaren] Nou, lijkt me duidelijk Hans. Je hebt te weinig ruimte. Halveren die handel. Eén zaak weg, één kind weg en één vrouw weg!
H:[lacht hard] Die ene vrouw is al weg, mijn kinderen blijf je van af, maar één zaak weg lijkt me heerlijk!
A: Mooi! Goed besluit. Welke van de twee wordt het? Ik zou de zaak wegdoen met de meeste omzet, hatsekiedee! Weg!
H: [beduusd] Het is heel gek Arno, maar als ik je dit hoor zeggen wordt ik direct blij…

Hans vertelt verder over zijn horecabestaan, hoe het groeide en welke hobbels hij overwon. Hij kan bijna niet meer voorstellen dat het ook anders kan, hij is zo druk dat zijn perspectief heel smal geworden is. Het idee dat hij het zelf kan veranderen voelt voor hem al heel vrij….

A: [enthousiast en gezond wantrouwend] Ja, dat klinkt wel leuk allemaal….maar dit mag jij natuurlijk helemaal niet beslissen. Wat vind jouw vrouw daar van? Die gaat er tenslotte over toch?
H: [harde lach] Nou, daar heb je wel gelijk in. Maar het idee alleen al geeft al ruimte….

Opgelucht verlaat Hans de Bloeikas. Er is een zaadje geplant….

Ik zou nooit op mijn huidige job solliciteren!

David is een man van vijfenveertig, succesvol ondernemer en toch niet lekker in zijn vel. Zijn technologiebedrijf is snel gegroeid, het is een creatieve vindingrijke man die de laatste jaren energie verliest. We hebben een aantal coachingsessies achter de rug en het beeld wordt wel duidelijk.

D: [zwaarmoedig] Tja, ik weet het niet hoor. De laatste jaren vind ik het toch allemaal minder leuk
A: [vrolijk] Het leven is niet altijd leuk David, en een beetje ondernemer weet daar wel raad mee toch?
D: [zucht] Vroeger was het echt leuker…
A: [zucht luid] Pffff, je hebt gelijk…het was vroeger ook veel leuker.
D: [glimlacht] Jezus man, je lijkt mij wel….
A: [zakt verder in stoel, zucht hard] Pffff, was het nog maar vroeger, toen het leven nog fijn was…..pfffff….nog twintig jaar zwoegen….
D: [lacht hard] Maar het wás ook leuker, vroeger toen ik…….
A: [onderbreekt] Vroeger, vroeger, je klinkt als een oude man. Het was vroeger ook leuker, en het wordt in de toekomst alleen maar erger. Je hebt gewoon de beste tijd gehad. Het verval is begonnen! Dus wat is het probleem?
D: Het probleem…nou, het valt misschien ook wel mee. Ik heb een mooi bedrijf en ik boer hartstikke goed.
A: Precies. Ik hoor geen enkel probleem. Zullen we ruilen?|
D: Wat bedoel je?
A: Nou gewoon, ik neem jouw bedrijf en inkomen over, jij die van mij?!
D: [Kijkt verbaasd….en beetje in de war]…nou misschien
A: [onderbreekt en lacht]. Dat wil ik zeker niet! Wie wil dat nou, een mooi bedrijf met een gerieflijk inkomen. Weet je, we doen het helemaal anders. Ik ben de sollicatiecommissie en jij solliciteert op je huidige baan.
A: [Formele stem] Nou David, dank voor je brief en CV, waarom denk jij dat je geschikt bent als directeur van ……
D:[Spontaan] Ik zou nooit op mijn huidige positie solliciteren, echt nooit!!!

Nu houd ik mijn mond en kijk vrolijk naar David. Hij kijkt een beetje verbaasd en geschrokken terug.

D: Nee, echt niet Arno, ik zou nooit solliciteren op wat ik nu doe!
A: Dat is duidelijke taal David. Mooi. We zijn eruit. Hoeveel waarde voeg je dan eigenlijk nu nog toe?
D: Eigenlijk niet veel…

D: Jemig, ik realiseer me wat ik net heb gezegd en ik meen het echt. Jezus, dit is best confronterend…..

Door het perspectief te verschuiven en warmte, humor en provocatie in gesprek te gaan deed David deze ferme uitspraak. Hij realiseerde zich vervolgens dat het echt zo voelt en anders moet.

Twee weken later komt hij de Bloeikas binnen. Hij lijkt tien kilo lichter en laat zich opgewekt in de stoel zakken. Nadat we koffie hebben vervolgen we het gesprek van vorige keer. Hij vertelt dat hij echt schrok van zijn eigen overtuiging dat hij nooit op zijn positie zou solliciteren, daar nog over heeft nagedacht en besproken thuis. Het werd hem letterlijk in één klap duidelijk.

Ondertussen is hij serieuze stappen aan het zetten om verandering aan te brengen in deze situatie. Hij is voornemens om te gaan overdragen aan een geschikte kandidaat. Mooi!

Waarom geven we apen zwemles?

Rudi komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen, hij werkt als manager op de Zuidas, is 43 jaar en loopt vast. Hij komt een beetje over als een nerd, slim, bril en vooral op de feiten en inhoud.

A: [enthousiast] Rudi, de eerste keer dat ik je zag dacht ik direct: dat is een slimme man, en ook een echte nerd!
R: [beetje in de war] Een echte nerd?!
A: [met kracht] Ja man, bril, kijkt slim uit zijn ogen, beetje klunzig, beetje techneut, een echte nerd dus!
R: En is dat goed of slecht?
A: Tja….ik heb geen idee…wat vind je eigenlijk zelf?
R: Ik ben wel goed in mijn vak!
A: [flauwtjes] Tja….dat zal wel.
R: [passievol] Weet je? Misschien ben ik wel een nerd, maar ik weet precies waar ik het over heb, ik ben een echte technoloog en kon me helemaal verliezen als ik in het lab werkte. Dat was te gek!
A: Wat is dan eigenlijk het probleem?
R: Sinds ik manager ben…tja…weet ik het niet meer ofzo….raar toch?
A: Volgens mij ben je een aap met zwemdiploma’s!

Veel managers die bij me in coaching komen zijn zonder dat ze het beseffen in een totaal andere context belandt. Ze lopen vast en begrijpen niet precies hoe het komt. Veel organisaties vragen vaardigheden van werknemers die niet natuurlijk voor ze zijn, waar ze te veel moeite voor moeten doen.

Apen horen in de jungle, daar weten ze hoe het werkt, waar ze veilig zijn, waar ze voedsel halen, waar ze kunnen slapen et cetera. Organisaties gooien die apen vaak in de zee, geven ze zwemles, diploma A, B en C én een cursus reddingzwemmen om ze vervolgens aan de slag te laten gaan. Die apen moeten dan ongelooflijk hard werken om zich staande te houden, ze kunnen wel een beetje zwemmen, maar nooit zo goed als de andere dieren in de zee, de vissen.

Dus werknemers krijgen allerlei trainingen, communicatietraining, conflicthantering, positieve feedbacktraining et cetera. Diploma A, B en C dus….terwijl die apen het helemaal niet echt vóelen, echt snappen waar ze terecht zijn gekomen. In de zee wordt een andere taal gesproken, is een ander ritme, en zijn andere vaardigheden van belang. Dus ze werken zich het apelazarus, gebruiken veel meer energie dan de vissen en nóg lukt het niet. Terwijl ze vroeger in de jungle moeiteloos in bomen klommen, via lianen van de ene naar andere plek gingen en vanuit hun oorsprong konden functioneren.

Organisaties moeten beter nadenken over in welke context hun mensen goed functioneren, een goede technoloog hoort in zijn jungle. Uiteraard moeten ook de mensen zelf goed beseffen waar ze moeiteloos hun werk kunnen doen. Dat wil niet zeggen dat er soms hard gewerkt wordt voor resultaat, maar alle energie die een aap verliest in de zee kan hij niet steken in zijn werk in de jungle. Daar waar hij kan excelleren.

Nadat ik Rudi had meegenomen in bovenstaande was hij stil…hij keek me geroerd en verbaasd aan. We praatten nog een beetje na en Rudi vertrok. Twee weken later zag ik hem terug.

A: Hoe is het ondertussen met je?
R: Ik ben een aap met zwemdiploma’s. Ik hoor niet in de zee! ……[lange stilte]………
R: [met overtuiging en grote lach] Ik ga terug! Terug de jungle in!
A: [argwanend] Nou Rudi…rustig aan jongen. Ik zie het jou niet doen!
R: [lacht]…echt!
A: Wil je een banaan om het te vieren?!

Frank doet zwaar depressief.

Frank komt de Bloeikas binnen, hij komt voor zijn tweede sessie. Hij heeft de diagnose zwaar depressief gekregen, staat op een wachtlijst voor behandeling, zoekt tussentijds hulp en komt daarom bij mij.

Hij is 24 jaar, woont nog thuis, heeft problemen met studeren, benoemd een laag zelfbeeld en onzeker over zichzelf en de toekomst. Hij straalt somberheid uit, zwarte kleding en een sombere blik. Hij vermijd zoveel mogelijk oogcontact en doet continu zijn mouwen over zijn handen. Alsof hij zich zo weinig mogelijk wil laten zien.

Het gesprek gaat over zijn afgelopen week, het vermijden van mensen en situaties en ook over zijn pestverleden. Ook hebben we het over echt authentiek gedrag en net alsof. Daar heeft hij een enorme hekel aan. Ik maak veel lol met hem en er is al veel meer lach en energie dan in de eerste sessie.

A: Wat is nu precies het probleem?
F: [vaag] Weet ik eigenlijk niet. Het is….tja….onzekerheid of laag zelfbeeld?
A: Hoe onzeker ben je dan? Tussen de nul en de tien.
F: [moeizaam] Nou…een twee of zo?
A: Ben je er zeker van?
F: Mwa…ja…zoiets.
A: [vrolijk] Klinkt inderdaad niet heel zeker…..dus die onzekerheid klopt! Mooi. En dan ff jouw zelfbeeld….hoe verschrikkelijk ben jij?
F: [zwaar] Nou….het is wel laag….ja….
A: Hoe voel jij je als je alleen in een ruimte bent, bijvoorbeeld op jouw kamer?
F: [veert op, licht] Dan ben ik best optimistisch, vrolijk en druk…
A: [verbaasd] Huh? Dus je zit hier als een zoutzak, somber met zwarte kleren en een zwaar gemoed. En als je dan alleen bent…..dan ben je optimistisch? Vrolijk? En….druk? [lacht hard]
F: [opener met twijfel en glimlach] Ja….eigenlijk wel….
A: [lacht weer] Nu ben ik echt volkomen in de war! Dan is jouw zelfbeeld toch niet heel laag? Je vind jouzelluf dan wel leuk toch?! Of niet….ik weet het echt niet meer….jij?
F: [lacht] Nee…maar als ik dan ineens vrolijk ga doen…..met die mensen om mij heen….dat is toch heel raar? Dat zijn ze niet van me gewend…dan snappen zij er niets meer van. En het voelt ook raar voor mijzelf.
A: Dus ff voor mij…..ik ben geen psycholoog en al helemaal geen psychiater…dus waarschijnlijk zit ik er helemaal naast. En ik heb geen ervaring met gevallen zoals jij, die ZWAAR depressief zijn. Maar let op: Dus, ook al VOEL jij je vrolijk….dan DOE je somber….omdat anderen het anders raar vinden? Klopt dat?
F: [verward] Ja….volgens mij wel….het is toch raar dat ik dan vrolijk doe als ik zwaar depressief ben?
A: [doet in de war] Ja maar….huh….als je vrolijk BENT en alleen? Dan doe je wel vrolijk?
F: Ja! Als ik alleen op mijn kamer ben….dan wel!
A: Hoe doe je dat dan? Hoe uit je dat?
F: [lacht ongemakkelijk….alsof hij iets niet durft te zeggen] ff nadenken.
A: [tikje tegen voet] Nee! Niet nadenken, gewoon zeggen! Ik wil het weten.
F: [gespannen verlegen lachje] Nou….in mijn kamer, dan luister ik leuke muziek, ben ik best op mijn gemak en zelfs af en toe dansen!
A: [staat op] Huh!!!!!! Dus dan kan de zoutzak ineens bewegen? En dansen???? En ZINGEN?????? Hoe zit dat dan met authentiek gedrag en net alsof…..Ik ben helemaal de weg kwijt Frank…

Frank voelt zijn authentieke gedrag en neigingen dus wel, maar heeft door zijn ontwikkeling, pestverleden en continu op- en aanmerkingen afgeleerd om zichzelf te zijn. Alleen als hij alleen is durft hij dat….en is hij best wel positief. Tijdens het gesprek vertelt hij hoe hij is gevormd, ervaringen in jeugd, hoezeer in zijn thuissituatie het moeilijk is om een echt gesprek te voeren, de mantel der liefde, net als of gedrag.

A: Dus ff voor mij….jij….de depressieve zwartgeklede zoutzak…bent dus best optimistisch en vrolijk?
F: [grote lach] Ja!
A: [kijkt met warmte aan, hand op schouder] En waarom lieve jongen……waarom laat je dat dan niet meer zien?
F: [in één klap klein en onzeker] ik…ik weet niet hoe dat moet..

Frank moet enorm huilen.

A: Maar JIJ hebt dus geen laag zelfbeeld, jij DENKT dat anderen dat van jou hebben. En als anderen jou zien ga je somber doen en alleen voel je je vaak prima. [opgewekt] En jij kunt echt geweldig goed toneelspelen, daar zou je iets mee moeten doen. Of misschien moet je gaan werken met blinden. Die zien niet hoe depressief of vrolijk je eruit ziet!
F: [glimlacht] Dat zou echt goed zijn!

We besluiten de sessie, Frank gaat in gesprek met diegene in zijn vriendengroep bij wie hij zich het veiligst voelt, en zichzelf echt tonen.

Als hij naar vertrekt loopt hij best kwiek….

A: Hohohoho Frank….pas op, je gaat weer naar buiten….daar zien mensen je….dus je moet zo lopen [Ik slot met gebogen rug en kijk half uit mijn ogen].

Frank loopt lachend naar buiten….

Ik ben echt verbaasd, Frank dóét zoals de diagnose zwaar depressief vraagt, hij loopt al enkele jaren met klachten en is zo vergroeid geraakt dat hij richting zijn omgeving niet durft te veranderen…

De weken erna zie ik hem vrolijker worden, eerlijker en lichter. Hij durft wat meer, krijgt weer structuur en is aan het veranderen. Dit is niet makkelijk, zijn omgeving was inderdaad gewend aan zijn depressieve rol en reageerd soms ongemakkelijk. Wel maakt hij stappen.

Hij vertelt me dat hij zich juist serieus genomen voelde door de humor en het absurde. De gedachten die hij had, benoemde ik letterlijk, ook al waren ze heel vreemd. Juist dát benoemt hij als verbindend.

Het is dat ik ooit een heel goede provocatief coach heb gehad….en dat ik me veel beter voel dan destijds…..anders zou ik direct weer gaan. Wat een vak!

Bedoel je uitgeput?

Ellis is een vrouw van tegen de dertig, ze maakt onderdeel uit van één van de teams van een organisatie die ik begeleid. Ze komt de Bloeikas binnen, gaat zitten, neemt een slok thee en geeft keurig antwoord op mijn vragen.

Ze is beleefd, laat niet het achterste van haar tong zien, en reageert sociaal wenselijk (voor haarzelf) en dus binnen de veilige zone.

E: Ja, dus het gaat eigenlijk best goed met me.
A: Dat is fijn, geen probleem dus. Misschien zeg ik iets geks Ellis, maar ik vind je een beetje vlak of dof.
E: [grote ogen] Bedoel je……..[tranen in ogen] uitgeput?
A: Uitgeput?
E: [begint te huilen] Soms kan ik niet meer. Dan ben ik zo ongelooflijk moe. Na het werk lukt het me nog net om thuis te komen.
A: [vrolijk] Wel mooi dat je dan vind dat het best goed met je gaat!Ik ben benieuwd hoe je dan bent als het niet zo goed gaat
E: [glimlach door tranen] Welnee, ik hou mezelf natuurlijk voor de gek. Al sinds vier maanden lukt het gewoon niet zo goed meer. Ik weet het ook wel maar….[dikke tranen]…..ik…wil…[snik, geknepen stem] mijn…collega’s…gewoon… niet….[snik] in…de….steek….laten. [er volgen heel veel tranen]

Ellis vertelt hoe lang ze al worstelt, vindt dat ze zich niet moet aanstellen, dat het na de vakantie beter zal gaan en cetera. Ik hoor een vrouw die allerlei argumenten gebruikt om zichzelf te overtuigen. Tegelijkertijd zie ik een vrouw die met moeite functioneert, zich ongemakkelijk voelt omdat het niet lukt en niet wil opgeven.

Het is een situatie die ik herken bij vele anderen en binnen organisaties. Mensen die eigenlijk al lange tijd niet meer goed functioneren, die ongelooflijk snel leeglopen en het gevoel hebben dat ze geen keuze hebben. Daardoor doorgaan op een weg die niet goed voor de mens én de organisatie is. Uiteindelijk loopt de mens langzaam vast, levert niet voldoende voor de organisatie en doordat er schaamte of ongemak is wordt het niet op tijd benoemd richting die organisatie waardoor het ongemak en de irritatie doorgaan. Dit heeft vervolgens weer een effect op het team waarbinnen deze persoon werkzaam is.

A: [vrolijk] Ik ben wel trots op jou. Jij bent de ideale werknemer, wil je niet bij mij komen werken? Je gaat door TOT . DAT . JE . ERBIJ . NEERVALT! Super. En zo tof dat je jouw collega’s niet in de steek laat. Ik vind eigenlijk dat je nog wel iets meer kunt doen, we zitten nu al bijna een kwartier in gesprek, laten we afronden zodat je weer keihard aan de slag kunt!
E: [lacht] Dat is precies wat ik denk! Hoe lang duurt dit nog. Ik moet nog zoveel doen!
A: En terecht! Jouw collega’s dan? Die kunnen niet zonder je. Snel. Volgens mij zit je hier jouw tijd te verdoen. Hup. Aan de slag!
E: [beduusd] …Ik denk….nou ja…dit kan zo niet langer…
A: Precies! Aan de slag!
E: Nee! Ik bedoel precies het tegenovergestelde?
A: [verbaasd] Huh, dat begrijp ik niet.
E: [duidelijk] Ik wil zo niet verder! Ik moet echt iets veranderen! Toen je net zei ‘Tot je erbij neervalt’…..dat is echt wat ik doe…en dat wil ik niet meer.
A: Zeg dat nog eens?
E: [opgelucht] Dat wil ik niet meer!

Ellis kreeg een haakje aangereikt om het eerlijke verhaal te vertellen. Toen ik benoemde dat ik haar ‘vlak of dof’ vond, toen was er de opening….bedoel je uitgeput…toen volgde de rest.

Het oprecht benoemen wat je ziet maakt ruimte. Hoe waardevol zou het zijn als we dit wat vaker zouden durven en doen. Het zou mensen een eerste zetje geven om de ruimte te ervaren die nodig is om het echte verhaal te vertellen. Ik ben ervan overtuigd dat zowel de mens als de organisatie hiermee enorm geholpen is.

Enige dagen na de coaching ging Ellis in gesprek met haar manager en ze heeft ruimte gecreerd. Haar manager belde me om te bedanken, hij vertelde dat hij eerder al het zijdelings tegen Ellis had benoemd en dat ze het had weggewuifd.

‘Jouw radicale eerlijkheid deed het hem’ aldus de manager.

In provocatief werken benoem je wat je ziet of voelt en dat doe je op een directe manier. Als coach is dat het in beginsel superspannend is, ga je de grens over? Kan de client het hebben? Mijn ervaring nu is dat de client het (bijna) altijd waardeert dat je de moed hebt om datgene te zeggen dat nodig is….Radicale eerlijkheid dus!

s*x in de buitenlucht

Rein komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen. Hij is ongeveer vijftig jaar, is vastgelopen en zit overspannen thuis.

Vorige keer onstond het beeld van een man, opgegroeid in een strenge christelijke omgeving met duidelijke normen en waarden. Hij volgde het plaatje, jong huwen, kinderen krijgen en een traditioneel gezin vormen. Eigen persoonlijke ontplooiing was ondergeschikt.

Na enige tijd gebeurd het onbestaanbare, hij word op zijn dertigste verliefd op een andere vrouw. Na jaren ontkennen besluit hij te gaan scheiden. Schuld en schaamte doen intrede. Echter ook ervaart hij voor het eerst ruimte.

Nu ongeveer twintig jaar verder loopt hij vast, hij is zijn ruimte weer kwijt, neemt het leven heel serieus en is zijn zelfvertrouwen verloren.

A: Wat is het probleem?
R: [kijkt heel serieus] Ik weet gewoon niet wat ik moet doen
A: Dan doe je toch ff niks?
R: Hoe bedoel je?
A: Nou, als je niet weet wat je moet doen….dan is dat het toch?
R: [streng gezicht] Nou, nee…dat kan niet…ik moet een keuze maken.
A: Maar als je het niet weet…dan maakt het niet uit..dan zou ik het gewoon doen!
R: Wat…wat bedoel je?
A: [vrolijk] Nou, als je het niet weet, kies je gewoon en doe je dat? Wat maakt het nou eigenlijk uit!
R: [geirriteerd] Heel veel, het gaat over mijn baan, mijn zekerheid en toekomst!
A: [weifelend] Ja…ik ben nu wel onder de indruk…in dat geval…tja…dat is wel heel veel. Jouw zekerheid en toekomst…daar zou ik wel ff goed over nadenken inderdaad. Stom dat ik er zo licht over denk….[zakt onderuit] pffff jouw zekerheid….en TOEKOMST!! Dat is wel echt té ingewikkeld. Heb je alles wel goed afgewogen? Want jemig….als dit misgaat….ik bedoel Gaza is erg….maar dit is wel ff serieuze shit. Man…En ben je ook hoofdkostwinner? Tja…weet je? Ik zou denk ik..eh..ik durf je eigenlijk geen advies te geven..want als dit misgaat…pfff..niet te overzien [zakt telkens verder onderuit, hoofd in handen]

R: [guitige glimlach] ..ja ja
A: [boos] Wat?! Zit jij me nu uit te lachen? Het is GVD nogal wat! Ik dacht ff makkelijk Rein op weg helpen…maar dit is zó groot…dus vergeef me dat ik helemaal op slot ga…
R: [lacht] ik zie het Arno…dit noem jij toch de staat van terminale serieusheid?
A: [glimlach] Die is blijkbaar besmettelijk! Dus Rein, ik zet je ff voor de spiegel. Jij gaat even goed naar jezelf kijken, ik maak nog kop thee….[ik zet een spiegel voor hem neer] En kijk eens heel serieus naar jezelf..

Ik zet thee, laat hem een paar minuten met zichzelf, en zijn zelfbeeld…Ik ga naast hem zitten, hij kijkt gebiologiseerd naar zichzelf, streng, serieus en met vochtige ogen.

A: Wat zie je?
R: [verdrietig] Ik zie een man die het zwaar heeft, die zich veel zorgen maakt…en nu ik kijk, ben ik ook echt op zoek naar de man die zich ooit zo goed en luchtig voelde…die lijkt heel ver weg.
A: Wat is het meest ondeugende dat je afgelopen tijd hebt gedaan?
R: [kijkt bedenkelijk, breekt ineens open en kijkt me met handen voor mond aan] Nee…dat kan echt niet [grote lach]…dit ga ik echt niet vertellen…[lacht hardop] Er zijn andere dingetjes die ik zou kunnen noemen…maar dit is echt te erg!
A: [enthousiast] Die andere dingetjes wil ik niet weten, ik vroeg het meest ondeugende…heb je iemand vermoord ofzo?
R: [lacht hard] Nee! Dat niet…
A: Wat dan! De bankrekening van jouw ouders stiekem geplunderd?
R: Nee…maar….
A: Wat!!
R: [lach van oor naar oor]…S*x in de buitenlucht!
A: Nee…jij?…met wie…of met meerdere tegelijk?!
R: Met mijn partner, vorig jaar, in een duinpan…
A: Wat.de.fuck! Ik dacht dat jij een serieuze, keurig doch streng opgevoede man was, die dit soort dingen zeker niet zou doen. Gadverdamme, in een duinpan?! Ik wil het niet weten Rein! Hou op…

Rein vertelt over die week met zijn partner, het lijkt of hij vliegt, ik daag hem uit om in zijn ogen ondeugende dingen te beschrijven, naar details, in begin is er wat schroom, uiteindelijk gaat hij all-in. Ik biedt hem de ruimte, zonder oordeel, om te vertellen en opnieuw te beleven.

Ik zet de spiegel weer voor zijn neus en vraag hem nog eens goed te kijken.

R: [verbaasd] Allemachtig! Wat een verschil! Ik zie een vrije jongen, die dingen durft en doet…

A: Mooi. De sessie is afgelopen voor nu. Ik zie je over twee weken. [samenzweerderig] Nog één vraagje Rein, die duinpan, wil je me de locatie sturen? Denk je dat ik daar met mijn vrouw ook naartoe zou mogen?

Rein staat op, lacht hard en gaat tien kilo lichter naar buiten.

Inez wist het eigenlijk al

Inez is een jonge vrouw van eind twintig, ze komt voor haar vierde sessie, de aanleiding is vermoeidheid. De eerste keer dat ze kwam was ze uitgeput en lusteloos, na die eerste sessie is ze via de bedrijfsarts ziekgemeld. De jaren hiervoor waren heel erg roerig, Inez had te maken met verlies en rouw, veranderingen van werkgever, oppakken van studie en een impactvolle verhuizing. De rust deed haar goed, de gesprekken over grenzen, haar patronen en  doorzetten gaven inzicht.

We zijn twee maanden in gesprek, ze is opgeknapt, voelt meer rust en stevigheid en we zijn in gesprek over haar relatie.

A: Hoeveel ruimte ervaar jij thuis?
I: Nou, nu overdag is het heerlijk. is Alfred aan het werk, en ik geniet en het is rustig.
A: Dus eigenlijk moet Alfred maar weg.
I: [geschrokken] Nee….natuurlijk niet!
A: [lacht] Nee, tuurlijk niet. Wat moet je zonder hem.
I: [weifelend] Ja….eh…precies dat
A: En met al die ruimte die je zelf kunt invullen. Hij bepaalt gelukkig hoe jij die indeelt en hoe jij jouw leven inricht. Dus dat is wel fijn, hoef je dat zelf niet te doen. Bovendien, in deze tijd, een vrouw alleen…….wil je nog een kop koffie?
I: [afwezig] eh, ja……

Ik sta op om koffie te maken. Inez blijft zitten.

Ze heeft in een eerder gesprek vertelt dat haar vriend zakelijk plannen heeft die ingrijpend zijn voor haar, wederom een verhuizing, meewerken in zijn bedrijf en daarmee het loslaten van haar eigen koers.

Als ik terugkom zit ze door het raam te staren, ze is in gedachten verzonken. Nadat ik ben gaan zitten kijkt ze me verbaasd aan.

I: eh, wat bedoel je eigenlijk?
A: Nee niks, je had toch geen melk in jouw koffie?
I: [verward] huh, nee. Of nou ja.
A: Precies dat. Lijkt me gewoon beter. Geen melk en vooral geen suiker. Dus wanneer gingen jullie ook alweer op wintersport?
I: [geïrriteerd] Wat bedoelde je net!
A: Gewoon, jullie zouden toch gaan skiën?
I: Nee….daarvoor!
A: [quasi verbaasd, lacht] Gaan jullie daarvoor ook skiën? Wat bedoelde jij nu eigenlijk?
I: Nou, over de relatie met Alfred!
A: Ah, dat. Het is fijn dat hij jouw leven indeelt toch? En wat zou jij zonder hem moeten. Hij brengt stabiliteit, toekomst en jij kunt je heel goed schikken. Dus dat bedoel ik….En jij hebt ook niet veel nodig, zeker geen ruimte toch?
I: [voorzichtig] Nou….wat je nu zegt, daar heb ik wel over nagedacht.
A: [tik op knie] Fijn! Dat is altijd goed. En je bent tot de conclusie gekomen dat het goed is toch?
I: Als het gaat over ruimte….en MIJN leven….Alfred doet helemaal zijn eigen ding. Hij gaat helemaal voor zijn nieuwe zaak, of ik het nou leuk vind of niet. Hij zegt dat hij het samen met mij wil doen….maar….


Inez vertelt dat ze zich nu realiseert hoeveel ze aanpast, dat ze na haar roerige jaren een soort veiligheid bij Alfred voelde, maar haar eigen koers helemaal heeft losgelaten. Nu merkt ze hoeveel hij bepaalt en hoe weinig rekening hij met Inez houdt. Tijdens het gesprek merkt ze dat het al heel lang dwarszit, maar dat ze het nooit eerder zo kon zien. Ze is nu bezig haar grenzen beter aan te geven op haar werk, en merkt hoe goed dat voelt en ook wat het aan ruimte en lucht oplevert. Ze realiseert zich nu hoe ze dat thuis ervaart. Ze gaat een beetje beduusd naar huis en ook met een duidelijke opdracht om het thuis te bespreken.

Twee weken later komt ze de Bloeikas binnen. Ze wil me duidelijk iets vertellen.

A: [vrolijk] Vol verwachting klopt mijn hart…vertel Inez!
I: [stralend] Ik heb de relatie verbroken!

Ze vertelt me hoe ze het de avond na onze sessie aan Alfred voorlegde, ze gaf aan dat ze niet nogmaals wilde verhuizen en geen zin had om met hem te gaan meewerken in zijn nieuwe zaak. Hij schrok ervan en het was een pittig gesprek. Toen ze er een paar dagen later nogmaals over spraken bleek dat hij niet voornemens was zijn plannen aan te passen, zijn nieuwe zaak en de verhuizing kregen prioriteit boven de relatie.

Toen maakte Inez het uit. Vertrok, nam haar spullen mee naar een vriendin waar ze tijdelijk kan inwonen. Uiteraard was er verdriet bij haar, maar tegelijkertijd een enorme opluchting. Ze besefte hoeveel ze was aangepast en dat ze haar eigenheid en koers had losgelaten vanuit angst en de geboden veiligheid.

Nu voelt zich weer krachtig, met plezier in werk, weer aan het opbouwen, geeft grenzen duidelijker aan en ervaart heel veel ruimte om haar eigen leven vorm te geven.

Na deze sessie heb ik haar nog twee keer gezien, ze is op koers, voelt zich vrij en ziet ook vooral in hoe haar patroon versterkt werd in onzekere tijden. Terugkijkend liet ze haar eigenheid gaan toen ze vijf jaar geleden in zeer roerige tijden verzeild raakte.

Ze durft weer te spelen, maakt eigen keuzes, voelt zich luchtiger en heeft weer de energie om zich te richten op datgene wat voor haar belangrijk is.

I: Toen we elkaar vier maanden geleden voor het eerst spraken had ik dit nooit verwacht. Maar als ik heel eerlijk ben wist ik het eigenlijk al heel lang, dat dit een keer ging gebeuren. Het was moeilijk, maar ik ben heel erg blij dat ik de keuze heb gemaakt.

Fryslan boppe Jelle!

Jelle komt voor de derde sessie de Bloeikas binnen. Hij is net veertig geworden, is een slimme man die na de TU Delft bewust weer naar Friesland is teruggekeerd om te wonen en werken. Sinds negen maanden is hij manager van de afdeling innovatie en ontwikkeling van een groot zuivelconcern.

Jelle is een beetje introvert en een man wiens brein overuren draait. Ook heeft is hij een geboren Fries met dito tongval. Hij vond het erg spannend om in coaching te komen, zeker naar een positief provocatief coach, maar na twee sessies begint hij het leuk te vinden.

A: Hoe zat het ook alweer Jelle? Ik vergeet telkens waarom je hier bent.
J: [kijkt naar zijn handen] Nou, ik weet niet of ik mijn werk nog leuk vind….
A: Kijk Jelle, dat weet ik wel!
J: [Kijkt op]. Nou, hoe dan?
A: Dat is mijn werk….snap je? Een geboren Fries die notabene Jelle heet gaat na het gymnasium naar de TU Delft….daar zijn allerlei niet Friezen, die ook leuk blijken te zijn….na vier jaar natuurlijk afgestudeerd….cum laude eigenlijk?
J: Nee….net niet…
A: Wat is cum laude eigenlijk in het Fries? In het Nederlands is het volgens mij met lof ofzo….wat is lof in het Fries?
J: [veert op] Dat is priizgje?
A: Wat?
J: PRIIZGJE….Dat is het. Dus cum laude is Mei Priizgje!
A: [lach] Nou Jelle, sil ik et efkes in it Frysk probjerje? Frysllan boppe!
J: [grote lach] Doch dat mar net, it hat gjin sin!
A: [geïrriteerd] Ben je me nu aan het corrigeren? Daar ben ik niet van gediend…
J: Oh, sorry Arno. Dat is niet mijn bedoeling…dit soort dingen gebeurd me ook telkens vaker op mijn werk.
A: Dat je mensen corrigeert op hun belabberde Fries bedoel je?
J: Nee…dat niet. Maar dat ik mensen aanspreek en ze dat niet leuk vinden….
A: Ik zei toch dat ik het weet?
J: Wat bedoel je daar toch mee? Wat weet je dan?
A: Ja, of jij je werk nog leuk vindt of niet. Dat weet ik.
J: Uh, ok. Hoe weet je dat dan?
A: Dat is mijn werk….dat heb ik toch gezegd? Maar even….hoe heette jouw zeilboot ook alweer? Daar was iets mee toch? Volgens mij heb ik je wel eens zien varen dan. Het was een lichtblauwe Randmeer toch? Ik denk vorig jaar op het Hegermeer, kan dat? Ergens in juni? Was een mooie dag weet ik nog.
J: [verward] Dat kan wel kloppen ja. We hebben de boot in Woudsend liggen. Hij heet Enigma.
A: Ja precies! Klopt! Enigma! Ik weet het zeker. Wat toevallig toch? Wat betekent Enigma ook alweer?
J: [helemaal aan] Enigma betekent raadsel of mysterie….dat is ook het leuke aan het werk op de afdeling innovatie, ik moest allerlei oplossingen verzinnen voor onze machines en processen, dat zijn allerlei raadsels eigenlijk. Ik was heel goed in het oplossen ervan…
A: En wat is Enigma eigenlijk in het Fries?
J: Oef, dat weet ik niet…
A: Nou zeg…ik dacht dat jij een echte Fries was. En het woord voor raadsel of enigma weet je dan niet? Dat is echt een raadsel toch?
J: [lacht hard] Ja….ja….eigenlijk wel…ik ga het opzoeken. [Jelle pakt telefoon, toetst Enigma in en laat me het scherm zien]. Zie je? Het woord kan niet vertaald worden via de vertaalapp…

Het gesprek gaat verder, maar ik dwaal bewust helemaal af. De sfeer is gemoedelijk, Jelle blijft beleefd, af en toe prik ik een beetje….maar de initiële vraag, of hij zijn werk nog leuk vind is lange tijd niet het onderwerp. Ondanks dat ik het zijdelings aanraak realiseert Jelle zich het niet…..Na een uurtje ronden we de sessie af.

J: Nog even terug…..je zei toch dat je het weet?
A: [guitig] Ja….ik wel….
J: Wil je me het vertellen?
A: Nou…ik vraag me af of je het wel echt wilt weten….ik dacht dat je zo van raadsels hield. Dit is echt een Enigma, maar met een duidelijke uitkomst!
J: [lijkt te aarzelen] ….nou…kom maar op!
A: Ok. Let op….komt ie…..ben je er klaar voor? Ik ga het zeggen, en dan moet je direct naar huis. Want er staat een volgende client voor de deur. Ok? Dus ik kan het niet meer toelichten….
J: [diepe zucht, zet zich schrap] ok, kom maar op.
A: Jij vind jouw werk heel erg leuk, het is echt iets voor jou! Tot over twee weken Jelle.

Jelle lijkt beduusd, is stil, geeft me een hand en gaat verward de deur uit….

Twee weken later komt hij binnen, voordat hij zit begint hij vol overtuiging tegen me te praten.

J: Jij met je Enigma, je wist het helemaal niet, je zat er helemaal naast! Ik heb er goed over nagedacht, over wat er gebeurde tijdens de sessie, maar ik vind het management helemaal niet leuk! Ik wil gewoon weer de inhoud in. Daar ben ik hartstikke goed in…..

J: [kijkt opgelucht en speels naar me] En ik heb al een gesprek gehad met mijn directeur, we gaan een vervanger voor me zoeken en ik ga weer lekker terug de inhoud in.

Grutte Pier of de GVR…

Sybe komt voor het eerst de Bloeikas binnen. Het is een man van begin veertig die in zijn werkkleding binnen komt. Het is een reus! Een reus uit noord Friesland, ongeveer twee meter, honderdvijftig kilo en alles aan hem is groot.

Hij geeft me een enorme hand en stelt zich voor ‘SYBE!’ zegt hij met luide stem, hij kijk me indringend en bozig aan en neemt plaats…..ik ben onder de indruk.

Sybe komt via zijn werkgever, hij werkt in een productie omgeving in de transportsector. Dit is een man die niet gewend is om over zichzelf te praten en ik heb zijn vertrouwen nog niet.

A: Jemig Sybe, ik ben onder de indruk! Wat ben jij groot!
S: [fronst] Dat klopt.
A: Nou ik vind je niet gewoon groot, een reus!
S: [glimlach] Nou…
A: [met veel gebaar en enthousiasme] Een soort woeste Fries. Ik weet het, je bent een afstammeling van Grutte Pier!
S: [lacht hard] Ja? Vind je mij een reus?
A: Nou, ik weet het niet, maar ik denk dat jij twee keer zo groot en sterk bent als ik….en ik vind mezelf geen kabouter!
S: [lacht nog harder] Nou ja, ik ben inderdaad niet de kleinste. Maar een reus……[lacht nog wat]….Grutte Pier….mooi!
A: En dan denk ik? Wat kan een reusachtige man zoals jij nou eigenlijk voor een probleem hebben. Misschien stoot je jouw hoofd dagelijks en ben je daarom soms in de war….maar verder….kan ik me niet voorstellen dat jij een probleem hebt. Dus wat kom je eigenlijk doen?
S: [weer de lach] Nou, ik heb een harde kop hoor….dus dat is het niet…
A: Mooi. Wat is het dan wel?

S: [zijn gezicht veranderd en wordt onzeker] Nou….het gaat gewoon niet zo goed met me.
A: Dan hoop ik wel dat het heel erg groot is, jouw probleem bedoel ik, een reuzeprobleem!
S: [valt stil]…..het is allemaal wel wat moeilijk….om te zeggen…..wij praatten vroeger nergens over……het begon na mijn scheiding een aantal jaren geleden…
A: [vrolijk] Nou, dat lijkt me heerlijk, lekker veel ruimte voor jezelf, ik denk dat jouw partner klem zat, jij bent zo groot, dus de reus kan zich weer vrij bewegen. Alleen misschien iets te veel ruimte. Ben je eenzaam?
S: [grote ogen]….Nou…..eh…..misschien wel ja
A: Misschien? Heb je iemand die aandacht voor je heeft of niet? Anders ben je eenzaam toch?
S: [waterige ogen] Ik zorg niet goed voor mezelf, ik heb eigenlijk geen vrienden en voel me vaak te veel….
A: [tik tegen kuit] Ja! Je bent ook teveel! Dus dat klopt. Jij neemt zoveel ruimte in dat…..
S: [zacht] Juist niet….ik probeer me zoveel mogelijk aan te passen aan…
A: Ben je vroeger gepest?
S: [schrikt] Eh…..op de basisschool….toen was ik..
A: [onderbreekt] Dus jij hebt geleerd om je aan te passen, stil te zijn en zoveel mogelijk zorgen dat niemand je iets kan doen…..alleen voor een reus is het lastig om zich te verstoppen toch?

Sybe begint een heel verhaal over zijn jeugd, het plotselinge verlies van zijn moeder, hoe hij en zijn gezin niet wist om te gaan met de emotie, vervolgens het pesten om de basisschool, zijn ongemak in sociale situaties, hoe lief hij is voor zijn grootouders en zijn gevoel van eenzaamheid, niet goed genoeg zijn, hieruit volgende verslavingen et cetera.

Sybe vertelt, ik bevraag hem, maak lol met hem en zorg dat hij tot de kern komt. Hij toont zijn onzekerheid en is heel kwetsbaar. Ik smelt voor deze man.

S: [kijkt me aan met een vermoeide blik] Nou. Dat is het.
A: Voor iemand die niet goed over zijn gevoel praat Sybe, heb je net een mooi verhaal verteld.
S: Ja he?
A: Ja man. Een mooi en ook verdrietig verhaal. Ken jij de GVR?
S: huh
A: De Grote Vriendelijke Reus. Dat ben jij Sybe, jij bent een grote en vriendelijke reus. Maar jij hebt een boze uitstraling, je bent imposant groot en luid. Dat is jouw manier om mensen op afstand te houden, dat is gekomen door het pesten van vroeger. Jij laat mensen maar heel moeilijk toe. En ze vinden je een rare kwibus die ze met rust laten. Maar zolang jij jezelf niet laat zien….

Sybe luistert aandachtig en hij geeft blijk van veel herkenning. De spanning en bozige uitstraling zijn verdwenen en hij lijkt zich helemaal ok te voelen.

Sybe is een typisch voorbeeld van een man die anderen niet dichtbij laat komen en het hierdoor moeilijk vind om te verbinden. Door met hem te spelen in het begin van de sessie, mijzelf kwetsbaar op te stellen en te benoemen wat ik ervoer lukte het snel om zijn vertrouwen te winnen, hij vertelde zijn hele verhaal….

Sybe vertrekt opgelucht, zelf ben ik eigenlijk ook wel opgelucht. Omdat ik de moed had mijn intuïtie te volgen en uit te spreken alsook omdat het weer lukt om met deze totaal andere man dan ikzelf  te verbinden.