Jelmer zijn vrouw heeft een probleem

Ik zit in de Bloeikas, een ronkende bolide parkeert op de oprit, de ouwe Tukker is gearriveerd. Jelmer is een baasje, hij is rond de vijftig, altijd onderweg, in mooie auto’s, zaken doen in en buiten Europa. Mooie leren tasje, vlotte kleding en een regelmatig trillende telefoon bij zich.

Hij praat energiek en overtuigend, hij komt ‘oet Twente’ en is daar heel trots op. Vanuit Enschede komt hij sinds enige maanden bij me in coaching. Reizen in onderdeel van zijn bestaan en zelfs identiteit.

Hij is niet helemaal uit zichzelf naar me toe is gekomen, en de druk vanuit zijn gezin op hem neemt toe….

A: Hi ouwe Tukker!
J: [energiek, twents] Hi jongen, hoe is het? Goed oe te zien! Leuk om hier weer te zijn, lekker weertje man. Krijg ik een kop koffie van je? Pfff, weer gedoe met Duitsland, die gasten….ik had oe vorige keer toch verteld? Nou, ze snappen het nog steeds nie. [blabla]

Dat dus, vol van zichzelf, in hoog tempo, één en al onrust.

A: Ik zie eigenlijk niet zo wat jouw probleem is Jelmer. Ik bedoel je hebt het geweldig voor elkaar…
J: [alert] Ja, nou, weej wat et is? Ik ga zo verdomde snel altied, en dat vind ik wel prima, maar mijn gezin…nou ja. Die vinden dat ik te veel weg ben.
A: Precies! Maar dat is hun probleem, jij vind dat prima. Sterker nog, ik denk dat jij het wel lekker vindt, en bovendien, iemand moet toch het geld verdienen.
J: Ja, dat denk ik dus ook.
A: Nou, lijkt me duidelijk. Zeg gewoon tegen je gezin dat zij een probleem hebben en dat zij naar de Bloeikas moeten komen, ze moeten jou gewoon lekker met rust laten zodat jij jouw business kan laten groeien, toch?! Je zegt letterlijk dat jij het wel prima vind…dus. Ik dacht dat die Tukkers altijd zo duidelijk waren, lekker kort voor de kop. Is jouw vrouw wel een Tukker eigenlijk?
J: [verrast] hoezo?
A: Nou Jelmer…dat hoef ik je toch niet uit te leggen.
J: Ach, misschien het ze ook wel gelijk…
A: Wat!? Natuurlijk niet man. Nog één keer Jelmer, jij hebt geen probleem. Jij bent lekker onderweg, in de auto, bellen met klanten, af en toe naar China om leveranciers te bezoeken, alles in jouw tempo. Jij hebt geen probleem! Dus de volgende keer stuur je jouw vrouw gewoon, doen we jouw kids daarna wel….die zijn 13 en 15 toch? We beginnen met Elsa.
J: [geirriteerd] Elsbeth!
A: Precies! En dat zeg ik gewoon tegen haar dat ze blij moet zijn met zo’n vent, wat hij allemaal voor haar en gezin doet. Daarom kunnen jullie zo mooi wonen, met zijn vieren op wintersport en vakanties. Ik denk dat ze gewoon zo’n verwend prinsesje is….[zeurende stem]…nou Jelmer, ik zou het fijn vinden als je eens wat vaker thus bent….wat een zeikwijf! Ik zou doodmoe worden, ik snap wel waarom je zo hard werkt. Ondankbaar!
J: [timide] Als je het zo zegt…..
A: [rap, dominant] Ja precies! Zo zit het Jelmer! Jij werkt maar en werkt maar, en dan stank voor dank, ik zou…
J: [steekt hand in de lucht, onderbreekt, hij oogt ineens kwetsbaar] Arno….Elsbeth heeft natuurlijk wel een punt…
A: [slaat Jelmer op schouder, knipoog]. Yeah right. Ouwe tukker! Je speelt het spelletje heel handig…
J: [stemverheffing] Nee echt Arno. Elsbeth heeft gelijk. Als ik zo doorga komt het niet goed!

A: Mooi! Dus wat is het probleem Jelmer?
J: [lange stilte en dan traag]. Ik werk echt veel te veel, ik zie mijn gezin hierdoor nauwelijks en ik heb het gevoel dat ik ze aan het kwijtraken ben…

Ik laat een lange stilte vallen, Jelmer erkent dat hij een probleem heeft. Het kwartje is gevallen. Jelmer wordt emotioneel, ik sta op om voor ons beiden water in te schenken. Hij staart voor zich uit. Als ik weer kom zitten kijkt hij me verdrietig aan.

A: Dat is niet zo mooi Jelmer.
J: [verbijt zijn emotie] Nee, nee…..da klopt.
A: Je gezin kwijtraken…..dat is niet zo mooi…..

Jelmer laat tranen. Hij probeert het tegen te houden, hij spant zijn middenrif, knijpt ogen dicht, af en toe een grom, een hmmp en een snik.


A: [lacht] Wat huilen jullie Tukkers raar!…Het gaat beter als je het laat gaan!
J: [lacht en huilt] Jij GVD, jij staat hier niet te janken… en vervolgens huilt hij even.

Jelmer kijkt me vervolgens aan, ogen rood, neus weer gesnoten. Met glimlach, dat was best ff lekker. Hij staat op en slaat me op mijn schouder, jij bent een mooie kloot!

Drie weken later stapt Jelmer uit en komt de Bloeikas weer binnen. Hij oogt wat zachter en rustiger. Het is tijd om het inzicht om te zetten naar verandering.

Dat heb je snel in de smiezen…

Hans is begin veertig, hij komt vandaag voor de eerste keer, na een korte telefonische afspraak. Ik ga direct van start.

A: [Hoog tempo] Hi Hans, ik zie het al. Een man van rond de veertig, drukke baan, relatief jong gezin en dus helemaal geen eigen ruimte. Je bent vast heel moe, kom eens zitten, koffie, thee of dubbele whisky.
H: [glimlach]Koffie, als het kan…
A: [enthousiast] Precies…dus je bent ook nog iemand die anderen niet tot last wil zijn…’Koffie als het kan…’ Jij bent een klassiek voorbeeld Hans. In huis is zij de baas, jij past je aan. Heb je kinderen?
H: Ja, twee
A: Precies, én een eigen zaak toch?
H: Ja, twee…
A: Ha! Twee zaken, twee kinderen en ook twee vrouwen?
H: [verrast] Wat?! Nee, ééntje. Een schat, echt waar….
A: Maar zij heeft de broek aan. Dus Hansje moet alles regelen, gaat conflictjes uit de weg, gaat vermijden en klein beetje liegen toch?
H: Huh…nou…liegen?!
A: [hand op schouder] Je bent een klassieke lieverd. Die te lief is voor anderen en dat teveel doet ten koste van zichzelf. En hierover niet helemaal eerlijk…liegen dus. Conflicten met anderen mijd je. Maar dus wel ruzie met jouzelf. En hierdoor helemaal geen eigen ruimte. En mede daardoor voel jij je niet goed.

H: Nou zeg…dat heb je snel in de smiezen.
A: Dank je. Is mijn vak. Ik ga koffie voor je maken…

In provocatief coaching werken we met ‘eerste ziensdiagnostiek’. Gebruik wat je als eerste ziet of ervaart als de client voor het eerst binnenkomt, heel vaak klopt deze intuitie. Bovendien hebben mensen in bepaalde leeftijdscategorieen vaak dezelfde problemen. Daarmee kun je snel tot de kern komen. Zo ook bij Hans.

Hans vertelt over zijn vrije bestaan tot zijn twintigste. Zijn neiging om anderen te willen helpen en pleasen. De druk van klanten, drukke gezin en zijn verminderde energieniveau sinds een half jaar.

Ik besluit door te zetten en Hans uit te dagen.

A: [energiek met veel gebaren] Nou, lijkt me duidelijk Hans. Je hebt te weinig ruimte. Halveren die handel. Eén zaak weg, één kind weg en één vrouw weg!
H:[lacht hard] Die ene vrouw is al weg, mijn kinderen blijf je van af, maar één zaak weg lijkt me heerlijk!
A: Mooi! Goed besluit. Welke van de twee wordt het? Ik zou de zaak wegdoen met de meeste omzet, hatsekiedee! Weg!
H: [beduusd] Het is heel gek Arno, maar als ik je dit hoor zeggen wordt ik direct blij…

Hans vertelt verder over zijn horecabestaan, hoe het groeide en welke hobbels hij overwon. Hij kan bijna niet meer voorstellen dat het ook anders kan, hij is zo druk dat zijn perspectief heel smal geworden is. Het idee dat hij het zelf kan veranderen voelt voor hem al heel vrij….

A: [enthousiast en gezond wantrouwend] Ja, dat klinkt wel leuk allemaal….maar dit mag jij natuurlijk helemaal niet beslissen. Wat vind jouw vrouw daar van? Die gaat er tenslotte over toch?
H: [harde lach] Nou, daar heb je wel gelijk in. Maar het idee alleen al geeft al ruimte….

Opgelucht verlaat Hans de Bloeikas. Er is een zaadje geplant….

Ik zou nooit op mijn huidige job solliciteren!

David is een man van vijfenveertig, succesvol ondernemer en toch niet lekker in zijn vel. Zijn technologiebedrijf is snel gegroeid, het is een creatieve vindingrijke man die de laatste jaren energie verliest. We hebben een aantal coachingsessies achter de rug en het beeld wordt wel duidelijk.

D: [zwaarmoedig] Tja, ik weet het niet hoor. De laatste jaren vind ik het toch allemaal minder leuk
A: [vrolijk] Het leven is niet altijd leuk David, en een beetje ondernemer weet daar wel raad mee toch?
D: [zucht] Vroeger was het echt leuker…
A: [zucht luid] Pffff, je hebt gelijk…het was vroeger ook veel leuker.
D: [glimlacht] Jezus man, je lijkt mij wel….
A: [zakt verder in stoel, zucht hard] Pffff, was het nog maar vroeger, toen het leven nog fijn was…..pfffff….nog twintig jaar zwoegen….
D: [lacht hard] Maar het wás ook leuker, vroeger toen ik…….
A: [onderbreekt] Vroeger, vroeger, je klinkt als een oude man. Het was vroeger ook leuker, en het wordt in de toekomst alleen maar erger. Je hebt gewoon de beste tijd gehad. Het verval is begonnen! Dus wat is het probleem?
D: Het probleem…nou, het valt misschien ook wel mee. Ik heb een mooi bedrijf en ik boer hartstikke goed.
A: Precies. Ik hoor geen enkel probleem. Zullen we ruilen?|
D: Wat bedoel je?
A: Nou gewoon, ik neem jouw bedrijf en inkomen over, jij die van mij?!
D: [Kijkt verbaasd….en beetje in de war]…nou misschien
A: [onderbreekt en lacht]. Dat wil ik zeker niet! Wie wil dat nou, een mooi bedrijf met een gerieflijk inkomen. Weet je, we doen het helemaal anders. Ik ben de sollicatiecommissie en jij solliciteert op je huidige baan.
A: [Formele stem] Nou David, dank voor je brief en CV, waarom denk jij dat je geschikt bent als directeur van ……
D:[Spontaan] Ik zou nooit op mijn huidige positie solliciteren, echt nooit!!!

Nu houd ik mijn mond en kijk vrolijk naar David. Hij kijkt een beetje verbaasd en geschrokken terug.

D: Nee, echt niet Arno, ik zou nooit solliciteren op wat ik nu doe!
A: Dat is duidelijke taal David. Mooi. We zijn eruit. Hoeveel waarde voeg je dan eigenlijk nu nog toe?
D: Eigenlijk niet veel…

D: Jemig, ik realiseer me wat ik net heb gezegd en ik meen het echt. Jezus, dit is best confronterend…..

Door het perspectief te verschuiven en warmte, humor en provocatie in gesprek te gaan deed David deze ferme uitspraak. Hij realiseerde zich vervolgens dat het echt zo voelt en anders moet.

Twee weken later komt hij de Bloeikas binnen. Hij lijkt tien kilo lichter en laat zich opgewekt in de stoel zakken. Nadat we koffie hebben vervolgen we het gesprek van vorige keer. Hij vertelt dat hij echt schrok van zijn eigen overtuiging dat hij nooit op zijn positie zou solliciteren, daar nog over heeft nagedacht en besproken thuis. Het werd hem letterlijk in één klap duidelijk.

Ondertussen is hij serieuze stappen aan het zetten om verandering aan te brengen in deze situatie. Hij is voornemens om te gaan overdragen aan een geschikte kandidaat. Mooi!

Later is allang begonnen.

Sinds enige tijd heb ik Rudolf in coaching. Een man van 45 jaar, opgegroeid in een ondernemersgezin, zijn ouders hadden vier winkels, op zijn 22e kwam Rudolf ‘in de zaak’. Hij werd op zijn 32e directeur en eigenaar. Zes jaar later verkocht hij de winkels nadat zijn ouders waren gestopt. Momenteel is hij directeur van een bedrijf met 130 werknemers. Hij is getrouwd en heeft twee kinderen. Sinds een jaar voelt hij zich niet meer goed, energie neemt af en is kortgeleden bij de huisarts geweest vanwege lichamelijke klachten.

Hij komt altijd binnen met een hoog energieniveau, goedlachs, altijd in voor gezelligheid en voordat hij binnenkomt is hij altijd aan het bellen. Zo ook deze keer…

A: Hé directeurtje! Klant aan de lijn?
R: Pffff…man man
A: Was het je vrouw?
R: [flauwe glimlach] ….onze productie loopt vast vanwege leveringsproblemen, twee mensen uit mijn management zijn ziek en zojuist hoorde ik dat mijn vader voor de derde keer in het ziekenhuis ligt.
A: Directeurtje, kom eens zitten. [energiek] Man, man wat een leven. Dat jij nog staat! The last man standing. Dat vind ik wel mooi aan jou! Lachen toch?! Lekker hard werken, actie in de tent! Dit is zoals ik je ken!
R: [vermoeide blik, staat nog steeds] Ik weet even niet meer waar ik het moet zoeken…alles komt tegelijk.
A: [pakt bij schouder] Directeurtje….kom eerst eens ff zitten. Of wil je al weer weg? Vind ik ook prima!…….. [R gaat zitten] Ik zou er gewoon mee stoppen als ik jou was. Vrij simpel. Je hebt toch een financiele buffer, je bent klaar met het gezeur en jouw vader heeft je nodig. Wat is eigenlijk het probleem?

R: [diepe zucht, flauwe glimlach en begint te vertellen] Makkelijk lullen Broere!, wat is eigenlijk het probleem? Al mijn hele leven ben ik aan het werk, bezig met de zaak, ouders die het druk hadden….[bla bla bla]….Ook tijdens de eerste jaren in de zaak altijd drukte, gedoe met personeel, maar ik vond het ook mooi….[bla bla bla] En de verkoop van de winkels was natuurlijk emotioneel pittig, maar zakelijk een topbeslissing, en ik vond het ook gaaf dat het lukte….[bla bla bla] En toen moest ik me zo nodig weer inkopen in deze zaak…mijn pa had altijd commentaar, wist het altijd beter….En nu de laatste jaren gaat het zakelijk ook goed, we groeien, ik krijg de boel aan de praat, maar nu met mijn pa….ik had het altijd over later. Later als ik groot ben, of later als ik met pensioen ga….[bla bla bla] Weet je, ik wordt helemaal gek van mezelf. Ik moet altijd overal een mening over hebben, ben altijd bezig, sta altijd aan, vind alles leuk, zakelijk belangrijk, ik loop de hele dag te rennen….En doe het allemaal voor later ofzo. Maar nu met mijn vader…die deed dat ook….. voor later….[R laat zijn hoofd in zijn handen rusten]

Het voelt alsof hij helemaal leeg is, alsof hij zijn hele leven opnieuw heeft beleefd en zich overgeeft. De energie is he-le-maal weg.

A: [schopje tegen knie, guitig, uitdagend] Weet je directeurtje? Ik vind dat je nogal overdreven reageert, je hebt het een beetje druk, wat kleine tegenslag en je ligt direct op apegapen. Tjongejonge zeg. Vroeger…….in de tijd van jouw vader waren er nog échte ondernemers……niet klagen maar dragen! Jouw vader had toch gelijk. Je bent geen echte ondernemer! Maar gelukkig leeft je vader nog, dus die kun je gewoon weer om advies vragen.
R: [ongeloof, bozig en vervolgens staat hij op, hoog tempo]. Ik geen ondernemer! Heb je net niet geluisterd? Wat ik allemaal doe, hoe hard ik werk, hoe ik leerde, hoe betrokken ik ben en hoe ik het familiebedrijf verder bracht…..[stopt, kijkt me verbaasd aan]

R: Arno, weet je dat ik mijn vader nooit heb verteld hoeveel ik van hem heb geleerd, hoe ik tegen hem opkeek, ik vond hem altijd een betweter, vervelend omdaf hij altijd weerwoord had, maar ik heb zo ongelooflijk veel van hem opgestoken, overgenomen en écht gezien wat ondernemen betekent. En hij wist heel goed oplossingen te vinden en indien buiten zijn invloedsfeer juist daarin te berusten…

De energie komt terug, de lach en de trotse Arthur komt tot leven….Arthur vertrekt, ik blijf een beetje verbaasd achter.

Twee weken later is Arthur er weer. Als ik hem vraag naar wat er nu gebeurde vorige keer antwoord hij: ‘Het voelde als een achtbaan, jouw geplaag maakte me boos en ook energiek. Mijn blik op mijn vader veranderde. En toen ik me realiseerde dat er problemen zijn die ik kan oplossen en situaties waarin ik geen invloed op heb, zoals mijn vader altijd zei, ontstond er enorme ruimte en voelde ik dat ik de goede dingen doe. En meer dan dat kan ik niet.’

Met een warme glimlach vertelde Arthur dat hij bij zijn vader was geweest en hem verteld hoe veel hij van zijn vader had geleerd en zijn strubbelingen in het leven, hard werken voor later enzo. ‘En toen zei mijn vader: Arthur, later is allang begonnen’

Er volgde een mooi vader en zoon gesprek, Arthur realiseerde zich dat hij nog steeds de goedkeuring van zijn vader zocht, het gesprek deed hem enorm goed. Arthur zijn vader is overigens weer thuis….

Waarom geven we apen zwemles?

Rudi komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen, hij werkt als manager op de Zuidas, is 43 jaar en loopt vast. Hij komt een beetje over als een nerd, slim, bril en vooral op de feiten en inhoud.

A: [enthousiast] Rudi, de eerste keer dat ik je zag dacht ik direct: dat is een slimme man, en ook een echte nerd!
R: [beetje in de war] Een echte nerd?!
A: [met kracht] Ja man, bril, kijkt slim uit zijn ogen, beetje klunzig, beetje techneut, een echte nerd dus!
R: En is dat goed of slecht?
A: Tja….ik heb geen idee…wat vind je eigenlijk zelf?
R: Ik ben wel goed in mijn vak!
A: [flauwtjes] Tja….dat zal wel.
R: [passievol] Weet je? Misschien ben ik wel een nerd, maar ik weet precies waar ik het over heb, ik ben een echte technoloog en kon me helemaal verliezen als ik in het lab werkte. Dat was te gek!
A: Wat is dan eigenlijk het probleem?
R: Sinds ik manager ben…tja…weet ik het niet meer ofzo….raar toch?
A: Volgens mij ben je een aap met zwemdiploma’s!

Veel managers die bij me in coaching komen zijn zonder dat ze het beseffen in een totaal andere context belandt. Ze lopen vast en begrijpen niet precies hoe het komt. Veel organisaties vragen vaardigheden van werknemers die niet natuurlijk voor ze zijn, waar ze te veel moeite voor moeten doen.

Apen horen in de jungle, daar weten ze hoe het werkt, waar ze veilig zijn, waar ze voedsel halen, waar ze kunnen slapen et cetera. Organisaties gooien die apen vaak in de zee, geven ze zwemles, diploma A, B en C én een cursus reddingzwemmen om ze vervolgens aan de slag te laten gaan. Die apen moeten dan ongelooflijk hard werken om zich staande te houden, ze kunnen wel een beetje zwemmen, maar nooit zo goed als de andere dieren in de zee, de vissen.

Dus werknemers krijgen allerlei trainingen, communicatietraining, conflicthantering, positieve feedbacktraining et cetera. Diploma A, B en C dus….terwijl die apen het helemaal niet echt vóelen, echt snappen waar ze terecht zijn gekomen. In de zee wordt een andere taal gesproken, is een ander ritme, en zijn andere vaardigheden van belang. Dus ze werken zich het apelazarus, gebruiken veel meer energie dan de vissen en nóg lukt het niet. Terwijl ze vroeger in de jungle moeiteloos in bomen klommen, via lianen van de ene naar andere plek gingen en vanuit hun oorsprong konden functioneren.

Organisaties moeten beter nadenken over in welke context hun mensen goed functioneren, een goede technoloog hoort in zijn jungle. Uiteraard moeten ook de mensen zelf goed beseffen waar ze moeiteloos hun werk kunnen doen. Dat wil niet zeggen dat er soms hard gewerkt wordt voor resultaat, maar alle energie die een aap verliest in de zee kan hij niet steken in zijn werk in de jungle. Daar waar hij kan excelleren.

Nadat ik Rudi had meegenomen in bovenstaande was hij stil…hij keek me geroerd en verbaasd aan. We praatten nog een beetje na en Rudi vertrok. Twee weken later zag ik hem terug.

A: Hoe is het ondertussen met je?
R: Ik ben een aap met zwemdiploma’s. Ik hoor niet in de zee! ……[lange stilte]………
R: [met overtuiging en grote lach] Ik ga terug! Terug de jungle in!
A: [argwanend] Nou Rudi…rustig aan jongen. Ik zie het jou niet doen!
R: [lacht]…echt!
A: Wil je een banaan om het te vieren?!

s*x in de buitenlucht

Rein komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen. Hij is ongeveer vijftig jaar, is vastgelopen en zit overspannen thuis.

Vorige keer onstond het beeld van een man, opgegroeid in een strenge christelijke omgeving met duidelijke normen en waarden. Hij volgde het plaatje, jong huwen, kinderen krijgen en een traditioneel gezin vormen. Eigen persoonlijke ontplooiing was ondergeschikt.

Na enige tijd gebeurd het onbestaanbare, hij word op zijn dertigste verliefd op een andere vrouw. Na jaren ontkennen besluit hij te gaan scheiden. Schuld en schaamte doen intrede. Echter ook ervaart hij voor het eerst ruimte.

Nu ongeveer twintig jaar verder loopt hij vast, hij is zijn ruimte weer kwijt, neemt het leven heel serieus en is zijn zelfvertrouwen verloren.

A: Wat is het probleem?
R: [kijkt heel serieus] Ik weet gewoon niet wat ik moet doen
A: Dan doe je toch ff niks?
R: Hoe bedoel je?
A: Nou, als je niet weet wat je moet doen….dan is dat het toch?
R: [streng gezicht] Nou, nee…dat kan niet…ik moet een keuze maken.
A: Maar als je het niet weet…dan maakt het niet uit..dan zou ik het gewoon doen!
R: Wat…wat bedoel je?
A: [vrolijk] Nou, als je het niet weet, kies je gewoon en doe je dat? Wat maakt het nou eigenlijk uit!
R: [geirriteerd] Heel veel, het gaat over mijn baan, mijn zekerheid en toekomst!
A: [weifelend] Ja…ik ben nu wel onder de indruk…in dat geval…tja…dat is wel heel veel. Jouw zekerheid en toekomst…daar zou ik wel ff goed over nadenken inderdaad. Stom dat ik er zo licht over denk….[zakt onderuit] pffff jouw zekerheid….en TOEKOMST!! Dat is wel echt té ingewikkeld. Heb je alles wel goed afgewogen? Want jemig….als dit misgaat….ik bedoel Gaza is erg….maar dit is wel ff serieuze shit. Man…En ben je ook hoofdkostwinner? Tja…weet je? Ik zou denk ik..eh..ik durf je eigenlijk geen advies te geven..want als dit misgaat…pfff..niet te overzien [zakt telkens verder onderuit, hoofd in handen]

R: [guitige glimlach] ..ja ja
A: [boos] Wat?! Zit jij me nu uit te lachen? Het is GVD nogal wat! Ik dacht ff makkelijk Rein op weg helpen…maar dit is zó groot…dus vergeef me dat ik helemaal op slot ga…
R: [lacht] ik zie het Arno…dit noem jij toch de staat van terminale serieusheid?
A: [glimlach] Die is blijkbaar besmettelijk! Dus Rein, ik zet je ff voor de spiegel. Jij gaat even goed naar jezelf kijken, ik maak nog kop thee….[ik zet een spiegel voor hem neer] En kijk eens heel serieus naar jezelf..

Ik zet thee, laat hem een paar minuten met zichzelf, en zijn zelfbeeld…Ik ga naast hem zitten, hij kijkt gebiologiseerd naar zichzelf, streng, serieus en met vochtige ogen.

A: Wat zie je?
R: [verdrietig] Ik zie een man die het zwaar heeft, die zich veel zorgen maakt…en nu ik kijk, ben ik ook echt op zoek naar de man die zich ooit zo goed en luchtig voelde…die lijkt heel ver weg.
A: Wat is het meest ondeugende dat je afgelopen tijd hebt gedaan?
R: [kijkt bedenkelijk, breekt ineens open en kijkt me met handen voor mond aan] Nee…dat kan echt niet [grote lach]…dit ga ik echt niet vertellen…[lacht hardop] Er zijn andere dingetjes die ik zou kunnen noemen…maar dit is echt te erg!
A: [enthousiast] Die andere dingetjes wil ik niet weten, ik vroeg het meest ondeugende…heb je iemand vermoord ofzo?
R: [lacht hard] Nee! Dat niet…
A: Wat dan! De bankrekening van jouw ouders stiekem geplunderd?
R: Nee…maar….
A: Wat!!
R: [lach van oor naar oor]…S*x in de buitenlucht!
A: Nee…jij?…met wie…of met meerdere tegelijk?!
R: Met mijn partner, vorig jaar, in een duinpan…
A: Wat.de.fuck! Ik dacht dat jij een serieuze, keurig doch streng opgevoede man was, die dit soort dingen zeker niet zou doen. Gadverdamme, in een duinpan?! Ik wil het niet weten Rein! Hou op…

Rein vertelt over die week met zijn partner, het lijkt of hij vliegt, ik daag hem uit om in zijn ogen ondeugende dingen te beschrijven, naar details, in begin is er wat schroom, uiteindelijk gaat hij all-in. Ik biedt hem de ruimte, zonder oordeel, om te vertellen en opnieuw te beleven.

Ik zet de spiegel weer voor zijn neus en vraag hem nog eens goed te kijken.

R: [verbaasd] Allemachtig! Wat een verschil! Ik zie een vrije jongen, die dingen durft en doet…

A: Mooi. De sessie is afgelopen voor nu. Ik zie je over twee weken. [samenzweerderig] Nog één vraagje Rein, die duinpan, wil je me de locatie sturen? Denk je dat ik daar met mijn vrouw ook naartoe zou mogen?

Rein staat op, lacht hard en gaat tien kilo lichter naar buiten.

Inez wist het eigenlijk al

Inez is een jonge vrouw van eind twintig, ze komt voor haar vierde sessie, de aanleiding is vermoeidheid. De eerste keer dat ze kwam was ze uitgeput en lusteloos, na die eerste sessie is ze via de bedrijfsarts ziekgemeld. De jaren hiervoor waren heel erg roerig, Inez had te maken met verlies en rouw, veranderingen van werkgever, oppakken van studie en een impactvolle verhuizing. De rust deed haar goed, de gesprekken over grenzen, haar patronen en  doorzetten gaven inzicht.

We zijn twee maanden in gesprek, ze is opgeknapt, voelt meer rust en stevigheid en we zijn in gesprek over haar relatie.

A: Hoeveel ruimte ervaar jij thuis?
I: Nou, nu overdag is het heerlijk. is Alfred aan het werk, en ik geniet en het is rustig.
A: Dus eigenlijk moet Alfred maar weg.
I: [geschrokken] Nee….natuurlijk niet!
A: [lacht] Nee, tuurlijk niet. Wat moet je zonder hem.
I: [weifelend] Ja….eh…precies dat
A: En met al die ruimte die je zelf kunt invullen. Hij bepaalt gelukkig hoe jij die indeelt en hoe jij jouw leven inricht. Dus dat is wel fijn, hoef je dat zelf niet te doen. Bovendien, in deze tijd, een vrouw alleen…….wil je nog een kop koffie?
I: [afwezig] eh, ja……

Ik sta op om koffie te maken. Inez blijft zitten.

Ze heeft in een eerder gesprek vertelt dat haar vriend zakelijk plannen heeft die ingrijpend zijn voor haar, wederom een verhuizing, meewerken in zijn bedrijf en daarmee het loslaten van haar eigen koers.

Als ik terugkom zit ze door het raam te staren, ze is in gedachten verzonken. Nadat ik ben gaan zitten kijkt ze me verbaasd aan.

I: eh, wat bedoel je eigenlijk?
A: Nee niks, je had toch geen melk in jouw koffie?
I: [verward] huh, nee. Of nou ja.
A: Precies dat. Lijkt me gewoon beter. Geen melk en vooral geen suiker. Dus wanneer gingen jullie ook alweer op wintersport?
I: [geïrriteerd] Wat bedoelde je net!
A: Gewoon, jullie zouden toch gaan skiën?
I: Nee….daarvoor!
A: [quasi verbaasd, lacht] Gaan jullie daarvoor ook skiën? Wat bedoelde jij nu eigenlijk?
I: Nou, over de relatie met Alfred!
A: Ah, dat. Het is fijn dat hij jouw leven indeelt toch? En wat zou jij zonder hem moeten. Hij brengt stabiliteit, toekomst en jij kunt je heel goed schikken. Dus dat bedoel ik….En jij hebt ook niet veel nodig, zeker geen ruimte toch?
I: [voorzichtig] Nou….wat je nu zegt, daar heb ik wel over nagedacht.
A: [tik op knie] Fijn! Dat is altijd goed. En je bent tot de conclusie gekomen dat het goed is toch?
I: Als het gaat over ruimte….en MIJN leven….Alfred doet helemaal zijn eigen ding. Hij gaat helemaal voor zijn nieuwe zaak, of ik het nou leuk vind of niet. Hij zegt dat hij het samen met mij wil doen….maar….


Inez vertelt dat ze zich nu realiseert hoeveel ze aanpast, dat ze na haar roerige jaren een soort veiligheid bij Alfred voelde, maar haar eigen koers helemaal heeft losgelaten. Nu merkt ze hoeveel hij bepaalt en hoe weinig rekening hij met Inez houdt. Tijdens het gesprek merkt ze dat het al heel lang dwarszit, maar dat ze het nooit eerder zo kon zien. Ze is nu bezig haar grenzen beter aan te geven op haar werk, en merkt hoe goed dat voelt en ook wat het aan ruimte en lucht oplevert. Ze realiseert zich nu hoe ze dat thuis ervaart. Ze gaat een beetje beduusd naar huis en ook met een duidelijke opdracht om het thuis te bespreken.

Twee weken later komt ze de Bloeikas binnen. Ze wil me duidelijk iets vertellen.

A: [vrolijk] Vol verwachting klopt mijn hart…vertel Inez!
I: [stralend] Ik heb de relatie verbroken!

Ze vertelt me hoe ze het de avond na onze sessie aan Alfred voorlegde, ze gaf aan dat ze niet nogmaals wilde verhuizen en geen zin had om met hem te gaan meewerken in zijn nieuwe zaak. Hij schrok ervan en het was een pittig gesprek. Toen ze er een paar dagen later nogmaals over spraken bleek dat hij niet voornemens was zijn plannen aan te passen, zijn nieuwe zaak en de verhuizing kregen prioriteit boven de relatie.

Toen maakte Inez het uit. Vertrok, nam haar spullen mee naar een vriendin waar ze tijdelijk kan inwonen. Uiteraard was er verdriet bij haar, maar tegelijkertijd een enorme opluchting. Ze besefte hoeveel ze was aangepast en dat ze haar eigenheid en koers had losgelaten vanuit angst en de geboden veiligheid.

Nu voelt zich weer krachtig, met plezier in werk, weer aan het opbouwen, geeft grenzen duidelijker aan en ervaart heel veel ruimte om haar eigen leven vorm te geven.

Na deze sessie heb ik haar nog twee keer gezien, ze is op koers, voelt zich vrij en ziet ook vooral in hoe haar patroon versterkt werd in onzekere tijden. Terugkijkend liet ze haar eigenheid gaan toen ze vijf jaar geleden in zeer roerige tijden verzeild raakte.

Ze durft weer te spelen, maakt eigen keuzes, voelt zich luchtiger en heeft weer de energie om zich te richten op datgene wat voor haar belangrijk is.

I: Toen we elkaar vier maanden geleden voor het eerst spraken had ik dit nooit verwacht. Maar als ik heel eerlijk ben wist ik het eigenlijk al heel lang, dat dit een keer ging gebeuren. Het was moeilijk, maar ik ben heel erg blij dat ik de keuze heb gemaakt.

Grutte Pier of de GVR…

Sybe komt voor het eerst de Bloeikas binnen. Het is een man van begin veertig die in zijn werkkleding binnen komt. Het is een reus! Een reus uit noord Friesland, ongeveer twee meter, honderdvijftig kilo en alles aan hem is groot.

Hij geeft me een enorme hand en stelt zich voor ‘SYBE!’ zegt hij met luide stem, hij kijk me indringend en bozig aan en neemt plaats…..ik ben onder de indruk.

Sybe komt via zijn werkgever, hij werkt in een productie omgeving in de transportsector. Dit is een man die niet gewend is om over zichzelf te praten en ik heb zijn vertrouwen nog niet.

A: Jemig Sybe, ik ben onder de indruk! Wat ben jij groot!
S: [fronst] Dat klopt.
A: Nou ik vind je niet gewoon groot, een reus!
S: [glimlach] Nou…
A: [met veel gebaar en enthousiasme] Een soort woeste Fries. Ik weet het, je bent een afstammeling van Grutte Pier!
S: [lacht hard] Ja? Vind je mij een reus?
A: Nou, ik weet het niet, maar ik denk dat jij twee keer zo groot en sterk bent als ik….en ik vind mezelf geen kabouter!
S: [lacht nog harder] Nou ja, ik ben inderdaad niet de kleinste. Maar een reus……[lacht nog wat]….Grutte Pier….mooi!
A: En dan denk ik? Wat kan een reusachtige man zoals jij nou eigenlijk voor een probleem hebben. Misschien stoot je jouw hoofd dagelijks en ben je daarom soms in de war….maar verder….kan ik me niet voorstellen dat jij een probleem hebt. Dus wat kom je eigenlijk doen?
S: [weer de lach] Nou, ik heb een harde kop hoor….dus dat is het niet…
A: Mooi. Wat is het dan wel?

S: [zijn gezicht veranderd en wordt onzeker] Nou….het gaat gewoon niet zo goed met me.
A: Dan hoop ik wel dat het heel erg groot is, jouw probleem bedoel ik, een reuzeprobleem!
S: [valt stil]…..het is allemaal wel wat moeilijk….om te zeggen…..wij praatten vroeger nergens over……het begon na mijn scheiding een aantal jaren geleden…
A: [vrolijk] Nou, dat lijkt me heerlijk, lekker veel ruimte voor jezelf, ik denk dat jouw partner klem zat, jij bent zo groot, dus de reus kan zich weer vrij bewegen. Alleen misschien iets te veel ruimte. Ben je eenzaam?
S: [grote ogen]….Nou…..eh…..misschien wel ja
A: Misschien? Heb je iemand die aandacht voor je heeft of niet? Anders ben je eenzaam toch?
S: [waterige ogen] Ik zorg niet goed voor mezelf, ik heb eigenlijk geen vrienden en voel me vaak te veel….
A: [tik tegen kuit] Ja! Je bent ook teveel! Dus dat klopt. Jij neemt zoveel ruimte in dat…..
S: [zacht] Juist niet….ik probeer me zoveel mogelijk aan te passen aan…
A: Ben je vroeger gepest?
S: [schrikt] Eh…..op de basisschool….toen was ik..
A: [onderbreekt] Dus jij hebt geleerd om je aan te passen, stil te zijn en zoveel mogelijk zorgen dat niemand je iets kan doen…..alleen voor een reus is het lastig om zich te verstoppen toch?

Sybe begint een heel verhaal over zijn jeugd, het plotselinge verlies van zijn moeder, hoe hij en zijn gezin niet wist om te gaan met de emotie, vervolgens het pesten om de basisschool, zijn ongemak in sociale situaties, hoe lief hij is voor zijn grootouders en zijn gevoel van eenzaamheid, niet goed genoeg zijn, hieruit volgende verslavingen et cetera.

Sybe vertelt, ik bevraag hem, maak lol met hem en zorg dat hij tot de kern komt. Hij toont zijn onzekerheid en is heel kwetsbaar. Ik smelt voor deze man.

S: [kijkt me aan met een vermoeide blik] Nou. Dat is het.
A: Voor iemand die niet goed over zijn gevoel praat Sybe, heb je net een mooi verhaal verteld.
S: Ja he?
A: Ja man. Een mooi en ook verdrietig verhaal. Ken jij de GVR?
S: huh
A: De Grote Vriendelijke Reus. Dat ben jij Sybe, jij bent een grote en vriendelijke reus. Maar jij hebt een boze uitstraling, je bent imposant groot en luid. Dat is jouw manier om mensen op afstand te houden, dat is gekomen door het pesten van vroeger. Jij laat mensen maar heel moeilijk toe. En ze vinden je een rare kwibus die ze met rust laten. Maar zolang jij jezelf niet laat zien….

Sybe luistert aandachtig en hij geeft blijk van veel herkenning. De spanning en bozige uitstraling zijn verdwenen en hij lijkt zich helemaal ok te voelen.

Sybe is een typisch voorbeeld van een man die anderen niet dichtbij laat komen en het hierdoor moeilijk vind om te verbinden. Door met hem te spelen in het begin van de sessie, mijzelf kwetsbaar op te stellen en te benoemen wat ik ervoer lukte het snel om zijn vertrouwen te winnen, hij vertelde zijn hele verhaal….

Sybe vertrekt opgelucht, zelf ben ik eigenlijk ook wel opgelucht. Omdat ik de moed had mijn intuïtie te volgen en uit te spreken alsook omdat het weer lukt om met deze totaal andere man dan ikzelf  te verbinden.

High five voor Edith

Edith komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen, een slimme, zorgelijke en onzekere dame. Ze doet me denken aan een lief en angstig klein muisje dat heel goed om zich heen kijkt, snel iets te eten pakt als het veilig is en dan direct weer door het gaatje verdwijnt.

Ze is rond de vijftig, is getrouwd en heeft vijf kinderen waaronder een drieling. Haar leven is anders gelopen dat ze had gehoopt. Ze groeide op in een gezin waarin veiligheid en voorspelbaarheid keuzes domineerden. Ze begon een studie culturele antropologie (haar ogen schitteren nog steeds als ze daar over vertelt), echter na twee jaar ging ze toch maar accountancy doen (net als haar vader) vanwege baankansen. Ze studeerde in Amsterdam en voelde zich goed en vrij.

Ze kon (via haar vader) een baan krijgen bij een groot accountantskantoor…..en daar werkt ze nog steeds. Ze ontmoette haar huidige man nog voor ze ging studeren, een stabiele en lieve vent. Sinds bijna tien jaar is hij langdurig ziek en kan daardoor niet langer het uitdagende werk doen wat hij deed, hij is voornamelijk huisman en daarmee niet gelukkig. En dan zijn er vijf kinderen tussen de 17 en 25 waarover ze zich zorgen maakt.

Tijdens het eerste gesprek vertelde ze me het hele verhaal, ze leek zich er voor te schamen, er waren veel tranen en ze leek zich te hebben neergelegd bij haar lot. Dus het eerste gesprek ging deels als hieronder beschreven.

E: Mijn man vind zichzelf helemaal mislukt, een loser.
A: En als ik jou dit hoor zeggen denk ik……dat klopt! Hij voegt natuurlijk helemaal niets toe. Mislukt dus!
E: Nou…hij is wel lief en kan heerlijk koken.
A: Precies! Mislukt toch? Dat is toch geen man, zeg nou zelf….dat vind je toch zelf ook!
E: Nou…hij is echt lief… en kan natuurlijk niets aan zijn ziekte doen….maar hij zou heus wel iets meer initiatief kunnen nemen…hij is zo…..
A: [lacht] Hij is heel lief…..de lieve loser
E: [schuldige blik] Ja….ik vind hem eigenlijk ook wel een loser….[breekt, tranen met tuiten]
A: [vrolijk] Dus daar zijn jullie het over eens! Mooi toch!
E: [lacht en huilt] Nou, mooi….weet ik niet….maar het lucht wel op om dit eens te zeggen.

Gedurende het gesprek blijkt dat Edith helemaal geen eigen ruimte heeft (en neemt). Ze is kostwinner en werkt hard. Thuis deelt al haar eigen ruimte met vooral haar kinderen.

Ze loopt al haar kinderen langs met hun problemen, studieresultaten en ik hoor hoe beschermend ze voor de kinderen is. Ze vertelt bedeesd.

A: ok, Julian, de oudste heeft na een moeilijke start zijn studie bijna afgerond, heeft een leuke vriendin en is klaar voor de volgende stap. Dat klopt toch?
E: Ja.
A: [high five met Edith]. Goed gelukt!

A: Twee van de drieling zijn aan het studeren toch? En Jan heeft zijn MBO afgerond en is lekker aan het werk toch? Zijn ze verslaafd?
E: Eh, nee…?
A: In aanraking met justitie?
E: [glimlacht] Nee…ook niet.
A: Denk je dat ze gelukkig zijn?
E: [lacht] ja…volgens mij wel
A: [high five met Edith] Four down, one to go!

A: De jongste…..tja…..die gaat voor galg en rad.
E: [lacht] Nou…dat valt wel mee denk ik
A: Hij heeft het moeilijk toch? Problemen op school, wil niet luisteren. Maar hij is zeventien, een puber, wil ruimte die hij niet krijgt. Lijkt me vrij normaal pubergedrag toch? Herken je wat hij voelt?
E: Nou….niet altijd….maar ik snap hem wel hoor.
A: Maar hij is verloren…..het zwarte schaap….dus jouw bezorgdheid is terecht….ik denk dat de politie binnenkort aan de deur staat….dat je hem mag bezoeken….twee keer per maand…
E: [schiet in de lach] Nou, zo erg is het echt niet hoor, hij doet zijn best en heeft veel vrienden. Dat het niet lukt op school snap ik wel….hij heeft gewoon een andere interesse op dit moment…maar dat komt…[realiseert zich wat ze zegt en haar blik veranderd]
A: [high five met Edith, met veel energie en enthousiasme]….Gelukt! Edith…..al.jouw.kinderen.zijn. gelukt!!!!!

Ze komt nu binnen voor de tweede keer, ik vroeg haar wat het meest is bijgebleven van de vorige sessie.

E: [twinkel] De high fives! Toen ik naar huis reed vorige keer had ik een ander perspectief, de kinderen zijn veel verder dan ik dacht. De afgelopen weken heb ik ook met een andere bril naar ze kunnen kijken. Ik ben eigenlijk heel trots hoe wij het als gezin doen en hebben gedaan de afgelopen tijd!…..en toen je het had over eigen ruimte…..
E: [met een beetje schuldige maar vrolijke blik] Ik heb het wielrennen weer opgepakt, ik heb afgelopen weken iedere zondag weer gefietst! Heerlijk….

Edith onthield dus het spelen, de positieve energie met warmte naar de feitelijke situatie. Het is mooi te merken hoe je mensen kunt raken door niet mee te gaan in hun zorgelijke energie, maar juist te spiegelen en met warmte uit te dagen.

De kern van provocatief werken is om mensen met warmte, humor en uitdaging in beweging te krijgen. Bij Edith is dat gelukt!

Hey Google!

Bastiaan komt de Bloeikas binnen. Het is een man van tegen de veertig die door zijn werkgever is doorgestuurd. Hij werkt als marketingman voor een grote dienstverlener.

Hij komt voor zijn tweede sessie en kampt met overspanningsklachten. Zijn vader is al heel lang ziek, al tijdens Bastiaan zijn pubertijd werd er rekening met hem gehouden. Pa Henk was bepalend in het systeem, zijn humeur domineerde. Momenteel is zijn vader bedlederig, Bastiaan staat zijn ouders veel bij. Daarnaast heeft Bastiaan net een tweede zoontje gekregen én heeft een drukke baan.

A: Vertel eens ff Bastiaan, hoe gaat het eigenlijk als je bij jouw ouders bent?
B: [vermoeid] Nou, als ik er ben loop ik op eieren.
A: [kijkt naar Bastiaan zijn schoenen] Zien er schoon uit, vandaag niet geweest dus?
B: [glimlacht] Bij wijze van spreken dan….[guitig] lul!
A: En verder?
B: Zoals ik zei, ik doe voorzichtig, wil mijn vader niet nog lastiger maken.
A: Is hij zo lastig? Hij is toch ziek of zo? Die arme man wil gewoon een liefhebbende zoon!
B: Je moest eens weten. Hij commandeert me gewoon!
A: [geschrokken] Zoals Kim Jung Un of Hitler toch niet?
B: [lacht hard] Nou, ik ken ze niet, maar het is echt heel duidelijk!
A: Hij is ziek Bastiaan, heb een beetje respect en mededogen zeg!
B: [geirriteerd] Het is dat het mijn vader is…..maar anders…
A: Anders wat Bastiaan…zou je het dan niet doen? Doe je het dus voor de erfenis? Wat slecht man. Anders zou je een zieke man dus gewoon in de steek laten!
B: [nog bozer] Ik doe het al mijn hele leven! Ik wordt schijtziek van hem. Hij commandeert me al zolang ik me kan heugen. Alles staat in het teken van zijn ziekte. En meneer doet maar net of het allemaal normaal is. Mijn moeder is kapot, ik ben kapot….en hij ligt maar in zijn bedje. En als er dan hulp komt….dan doet hij alsof het allemaal prima gaat….zodra die weer weg zijn….dan zijn wij de pisang.
A: [met nadruk] Je hebt het er zelf naar gemaakt chef! Natuurlijk commandeert hij jou, jij bent een mak lammetje, durft niet op te staan tegen hem, als jij geen tegengas geeft vindt hij het natuurlijk heel normaal dat je ja-en-amen zegt. Dat is jouw eigen keuze Bastiaan! Je komt hier een beetje zielig doen, loopt hier jouw bloedeigen vader af te zeiken, om vervolgens weer als een dienaar zijn eten te brengen, hem naar de mond te praten zodat hij zich goed voelt in zijn koningsbedje. Hij heet Henk toch? Koning Hendrik de eerste of de tweede? Hoeveel slaven heeft hij eigenlijk?
B: [geirriteerd en beduusd] Ja, wat moet ik dan! Het is mijn vader!
A: Je hebt gelijk….je bent een soort prins, jouw vader de koning. De erfenis is natuurlijk aanstaande. Dus…
B: [onderbreekt, boos] Het gaat niet om de erfenis Arno!
A: [vrolijk] Volgens mij moet jij jouw naam veranderen….. naar Google. Hey Google…breng me thee. Hey Google…doe mijn boodschappen. Hey Google…wil je even je mond houden? Hey Google…wat is de weersverwachting? Hey Google…
B: [glimlachend] Nou….dat zou inderdaad geen gek idee zijn. Koning Hendrik en prins Google…..[lacht]

B: Ik baal eigenlijk voornamelijk van mijzelf Arno. Mijn vader is echt ziek, depressief, al tientallen jaren, maar nu heel erg. En nu jij beschrijft hoe het systeem is, schrik ik eigenlijk. Het is echt zo, ik ben heel voorzichtig met hem, behandel hem als een koning en uiteraard rekent hij hierdoor op mijn hulp. Maar ik ben zo ongelooflijk gesloopt, ik kan niet meer.
A: [vrolijk] Misschien wordt hij wel negentig! Koningen kunnen heel oud worden, kijk maar naar Elizabeth!
B: Oh man….daar moet ik niet aan denken!
A: [boos] Jij gunt jouw vader dus geen lang leven!
B: Jawel….maar ik wil niet meer zo dienend zijn, dat moet echt veranderen!
A: Wat zeg je? Hey Google…doe eens…
B: [onderbreekt, duidelijk] Ik heet Bastiaan! Ik ga met hem in gesprek. Dit moet veranderen!

Twee weken wandelt Bastiaan weer de Bloeikas binnen.
A: [opgewekt] Hey Google! Hoe is het?
B: [breeduit lachend] Veel beter man.
A: Hey Google…wat is er gebeurd

Bastiaan vertelt dat het inzicht in het gezinssysteem hem liet realiseren dat hijzelf iets moet veranderen en hij niet zijn vader de schuld moest geven. Dat was verwarrend én verhelderend. Hij ging het gesprek aan met zijn ouders. gaf aan meer eigen ruimte nodig te hebben en dus niet meer iedere dag naar ze toe te gaan. Hij sprak een andere frequentie af en liet zijn ouders meegenieten van Hey Google….Dat is nu een soort kreet in het paleis van Koning Hendrik geworden.

B: Ik vond het oprecht moeilijk het gesprek te voeren, ik bemerkte dat ik mijn moeder niet wilde opzadelen met nog meer. Tegelijkertijd gaf de weerstand tegen mijn vader hem ook een soort van….zelfstandigheid ofzo….Hij moest echt lachen om Hey Google en Koning Hendrik. Het gesprek werd zelfs een beetje gezellig….Ik denk dat mijn vader echt inziet dat ik ruimte nodig heb, dat hij me claimt en dat onbewust doet. Het belangrijkste is dat ik me heb uitgesproken, ik vond het eng, maar uiteindelijk viel het mee….en ervaar ik meer ruimte.