Heerlijk! Ik heb mijn relatie verbroken

Sinds twee maanden komt Jordi bij me in coaching. Hij is achtentwintig, werkt als bedrijfsleider van een groothandel en voelt zich al langere tijd niet goed.

Jordi is een lieve man, heeft drie jaar geleden zijn moeder verloren aan kanker, heeft het wel naar zijn zin op zijn werk en een lieve vriendin. Sara en hij wonen sinds enige tijd samen, zij wil graag verder, denkt na over kinderen en hij over enige tijd ook richting huisje, boompje, beestje zoals hij zegt.

Na de eerste sessie heb ik een beeld van een jongeman die uitgeblust is, een heel kalm leven leidt, conflictmijdend is en keurig doet wat Sara vraagt en zich vooral niet uitspreekt. ‘Dan wordt Sara verdrietig of boos, en dat moet maar niet’ aldus Jordi.

Soms zit iemand vast in zijn denken, overtuigingen en het systeem. Dan is er een gevoel van onmacht, niet meer weten wat slecht is voor zelfvertrouwen. Terwijl diegene vaak wel voelt wat er moet gebeuren, het (begrijpelijk) niet durft.

Tweede sessie.
A: Wanneer denk je eigenlijk dat je vader wordt?
J: [grote ogen] Nou, dat ehh hoeft nog even niet.
A: Maar Sara wil wel….en je wilt haar niet boos maken. Dus…hoe lang nog!
J: We bespreken het wel, maar ik laat het in het midden.
A: [lacht, enthousiast] Ja, daar moet het ook gebeuren toch?! In het midden. Daar zit het genot en de pijn.
J: [in de war] Nou, ik weet het gewoon nog niet….
A: Iets meer naar links of naar rechts. Zeg het maar!
J: Ik probeer het onderwerp dan te verschuiven naar werk ofzo. Of ik ga naar mijn kamer, gamen met mijn koptelefoon op.
A: Jij bent gewoon LAF! Natuurlijk wil je het niet. En zeker niet met haar toch? Ze lijkt me een verschrikkelijke vrouw. Je mag niets meer. Zelfs niet met je vrienden gamen of andere dingen.
J: [gaat aan] Ja, ze wil het liefst samen op de bank. Maar ze is echt een lieve meid. Tja…ze is echt lief.
A: En dan praten over hoe het gezin eruit komt te zien, hoeveel kinderen wil je eigenlijk met Sara, twee of meer…
J: Nou, dat begint dan inderdaad…echt…
A: [hoog tempo] Wel mooi dat je het in het midden laat vind ik….ben je ook in de polder geboren eigenlijk?
J: [afwezig] huh
A: Polderen met Sara! Het in het midden laten. [vriendschappelijk, hand op zijn knie] Ik heb met je te doen Jordi, daar zit je dan. Een vrouw met klepperende eierstokken, ik zie het helemaal voor me….over twee jaar met z’n drieen en een jaartje erna nog een kleintje. GAME OVER.
J: [zwaar] Ik weet het niet man….

Jordi vertrekt, hij heeft een beeld in zijn hoofd. Benieuwd wat er gebeurt.

Twee weken later stapt Jordi de Bloeikas binnen.

A: [vrolijk] Hoe is het met je? Ben je er al uit? Ik zag dat de kinderwagens in de uitverkoop zijn.
J: [lachend] Ja ja, het moet nog maar even niet. Ik heb sowieso twijfels over mijn relatie met haar. Als ik op mijn werk ben, voel ik me goed en vrij. Als ik naar huis rijdt dan denk ik over alles na. Ben ik niet te laat? Heb ik wel de juiste dingen gezegd? Zou het niet mijn beurt zijn om boodschappen te doen? Pfffffff
A: [ga met hoofd in handen zitten, zwaarmoedig] Pfffff….ojee Jordi…het klinkt als een hele ingewikkelde relatie. Ik zou het wel weten…Zometeen mag je niet meer met jouw vrienden afspreken, de hele avond samen op de bank, pffffff….[maak het zwaar]
J: Ja man…het voelt ook zwaar.
A: Dat VOELT niet alleen zo, dat IS het ook! Maar ja, het is geven en nemen in een relatie, niet alleen de lusten Jordi. En je kunt Sara natuurlijk niet teleurstellen….stel je voor hoe verdrietig ze zou zijn…

Jordi is even stil, vervolgd dan…
J: Eerlijk? Ik hoop eigenlijk dat we over een tijdje ruzie krijgen en zij het uitmaakt!
A: Zeg dat nog eens?
J: Ik hoop het echt. Dat zij het doet.
A: [vrolijk] Ja, ik hoop ook dat ik de staatsloterij win. Of dat Nederland wereldkampioen voetbal wordt….maar ik weet wel beter.
J: [krijgt tranen in zijn ogen] Ze zal zo verdrietig zijn Arno….dat kan ik haar echt niet aandoen.
A: Dat vind ik zo mooi aan jou, dat je jouzelf opoffert aan die schat. Ik wordt er bijna emotioneel van…wat ben je toch een lieverd! Weet je, je bent ook al achtentwintig, dus het mooiste deel van je leven ligt toch al achter je! Tijd om huisje boompje beestje te gaan creeren met haar. Het is net oud en nieuw. Gewoon uitzitten….

Jordi vertrekt en is twee weken later terug. Er komt een vrolijke man binnen.

A: Zo Jordi, ben je naar de kapper geweest? Of heb je een andere look? Je ziet er heel anders uit!
J: [bijna jubelend]Ik heb het uitgemaakt met Sara! Heerlijk!

Hij vertelt hoe het ging, hoe moeilijk hij het vond maar dat hij zich realiseerde dat het moest. ‘Toen je zei: Het is net oud en nieuw….gewoon uitzitten. Dat bleef in mijn hoofd spoken, zo voelde het precies’

A: Gelukkig nieuwjaar Jordi!

De glimlach van directeur Derrek….

Het is vlak voor Kerst, de Bloeikas staat in het zonnetje, er is koffie en water. Zometeen komt Derrek voor zijn tweede coachingsessie. Hij is midden dertig, gaat altijd schuil achter een vriendelijke glimlach, ziet er verzorgd uit en is mede-directeur van een sportbedrijf…….en hij is helemaal uitgeput.

Op mijn vragen reageert hij heel vaak met ‘Als ik heel eerlijk ben’. En dan volgen er antwoorden zoals: ‘Heb ik op een goede dag 10% energie [glimlach]’ of ‘Hou ik het geen drie maanden meer vol [glimlach]’ en zelfs ‘Denk ik er wel eens aan hoe opgelucht ik zou zijn als mijn zakenpartner dood zou zijn [grote glimlach!]’

Derrek zit klem, ziet geen uitweg, is al lange tijd zichzelf compleet aan het saboteren en is naar mij heel eerlijk. Hij heeft al enkele malen aan zijn zakenpartner aangegeven dat hij het niet meer lang volhoud op deze manier, maar die laat geen ruimte en reageerde de laatste keer kil met ‘Dan moeten we alles maar verkopen’.

A: Jij bent natuurlijk ook super onbetrouwbaar Derrek. Wees blij met jouw zakenpartner. Man, ik was allang met je gestopt.
D: [verbaasd] huh, hoezo?
A: Je bent een soort wolf in schaapskleren Derrek….jij doet heel vriendelijk en vrolijk. Maar dat ben je helemaal niet. Dus als jij wat zegt, altijd met die verschrikkelijke glimlach van je, dan kan ik dat helemaal niet beoordelen. En je hebt ook nog eens plannen om die partner van je te laten omkomen. Heb je Bulgaren of Joego’s in gedachte…Je lijkt ook wel een beetje op Al Pacino!
D: Maar ik ben toch eerlijk geweest tegen Ron (zakenparter)?
A: Bulgaren of Joego’s? Ik zou Bulgaren doen. Die zijn goedkoop, betrouwbaar en vervolgens onvindbaar…

Derrek is even afwezig…en vertelt vervolgens..

D: Toen ik acht was is mijn jongere zusje overleden, er werd niet over gepraat, mijn ouders veranderden vanaf dat moment, zij hadden een verschrikkelijk verdriet, ik ook, maar……ik glimlachte. Ik denk om ze gerust te stellen ofzo. Onbewust ben ik vanaf dat moment mijzelf gaan wegcijferen, zorgen dat ik niemand tot last was, mijn ouders hadden het natuurlijk heel moeilijk, er was veel verdriet en zwaarte in huis. Ik wilde het weer gezellig maken, dus deed ik alles om ze op te vrolijken.

Derrek zijn glimlach is het masker en op het moment dat hij onder druk komt te staan gebruikt hij deze. Dit hardnekkige patroon heeft hij aangeleerd en zijn omgeving kan hem hierdoor niet inschatten. Als hij verdrietig of boos is laat hij een glimlach zien. Hiermee doorvoelt hij zelf ook niet meer.

Mijn bedoeling is om hem uit balans te brengen, hem duidelijk te maken wat hij doet en het te laten voelen. Ik vervolg:

A: 10% energie, dat is niet nul! Met die energie kun je nog van alles doen toch? De sportzaken kun je draaien, personeel tevreden houden en ook nog de inkoop op orde. Iemand met zo’n prachtige glimlach doet het met ZICHTBAAR gemak!
D: [verbaasd]. Maar 10% is toch veel te weinig?
A: Nee joh, integendeel! Het lijkt me beter dat je er nog wat bij gaat doen! Met jouw glimlach! Mensen willen volgens mij graag met je werken, je geeft met deze glimlach alle energie door!
D: [in de war] Nou, ik vind het wel weinig hoor!
A: Weinig, weinig? 1% is weinig, dit is TIEN KEER zo veel man! TIEN KEER. [Ik sta op] Kijk, 1% energie is dit [ik lig op de grond en sleep me voort] en 10% is dit [ik sta weer op en beweeg superenergiek].
D: [moet ongelooflijk lachen] echt niet!
A: ok, bij jou dan. Doe eens jouw variant….
D: Hij doet alsof hij zich vooruit sleept…
A: Dit is 1%, doe nu eens de 10!
D: Nee, dit is de 10!
A: Ok Derrek. Haal die glimlach van je gezicht, zo weet ik niet hoe het echt met je is. Hoe zit jouw gezicht bij 10%, [ik verhef mijn stem] ik wil GEEN GLIMLACH, maar de ECHTE emotie!
D: [laat een vermoeide blik zien] Als ik heel eerlijk ben……is mijn gezicht nu nog te positief. Ik ben echt kapot.
A: [vrolijk] Je ziet er nog best goed uit, voor iemand die helemaal kapot is. Mooi dat je nog steeds jouw positieve uitstraling hebt Derrek! Ook fijn voor jouw zakenpartner trouwens….als die je zo ziet. Wow! Die wil nog jaren met je verder!!

Derrek verlaat de Bloeikas. Na de Kerstvakantie komt hij terug, hij oogt lichter. Misschien is hij lekker uitgerust.

A: Zo chef, jij ziet er opgelucht uit! Maar ja, dat zegt natuurlijk niks. Jouw buitenkant is meestal niet synchroon met de binnenkant.

D: [lacht hard] Het gaat goed, echt! Toen ik naar huis reed na de vorige sessie besefte ik hoe lang ik al niet echt laat zien hoe het met me is….mijn eeuwige glimlach. Onder de kerstboom heb ik er eens goed over nagedacht, de vorige sessie gaf me veel inzicht en vertrouwen.

Ik heb een lang gesprek gevoerd met Ron. Goed gesproken over mijn zusje, de gezinssituatie en mijn eigen reactie destijds. Jouw uitleg over het patroon en mijn huidige gedrag ook besproken. Hij gaf aan dat hij het wel bemerkte, er bij mij niet doorheen kwam en toonde vooral begrip.

Ik ga de komende drie maanden verder nadenken over wat ik zakelijk wil, voor nu minder werken, ontspanning pakken en verder denken over de toekomst. Je bent nog niet van me af, maar ben heel blij met deze stap.

A: [tik op knie] Ja, dat zeg je weer met een glimlach, dus ik geloof niet dat je echt doorpakt.
D: [grote grijns] Lul! Ik meen het echt, ik ga doorzetten..

Dit heeft nog nooit iemand tegen me gezegd!

Rianne komt de Bloeikas binnen. Een verzorgde jonge vrouw, eind twintig, keurig pak, zakelijke uitstraling en beetje afstandelijk. Rianne werkt als projectleider bij een innovatief high tech productiebedrijf.

Tijdens het begin van het gesprek heb ik het gevoel dat ze heel erg haar best doet om geïnteresseerd te zijn. Ze zit op het puntje van haar stoel. Benen over elkaar geslagen. Ze zit duidelijk in een rol. Ik heb het gevoel alsof ze uit een fotoshoot is gestapt, waarbij een jonge Amerikaanse zakenvrouw wordt gefotografeerd, met maniertjes. Alsof ik met een barbiepop in gesprek ben.

A: Vertel eens, hoe is het met je?
R: [glimlacht] Wel goed hoor.
A: Hoe vind je jouw werk?
R: [glimlacht]. Ja eigenlijk leuk. Het is soms een beetje een mannenwereld, maar daar kan ik me heel goed in bewegen [veegt haar achter oor, glimlacht].
A: [zoete stem, lief] Oh, fijn. Jij staat je mannetje dus wel.
R: [glimlacht] Oh ja, zeker…[schuift beetje op stoel, maar blijft in actieve houding op het puntje van de zitting]

Deze conversatie gaat zo nog een tijdje door. Als een tenniswedstrijd. Rianne heeft oppervlakkige ademhaling en is alert. Ik ben duidelijk in gesprek met het masker, de reclame uiting, de ambitieuze en succesvolle projectleider. Ik ben er klaar mee. Ik voel geen verbinding, geen contact en geen echtheid.

R: [glimlacht] blablabla    blablabla…..bla bla….oh, nee hoor…bla bla….het gaat prima.

A: [tikje op haar knie, ik kijk haar recht in ogen] Rianne, ik ga je eerlijk vertellen hoe ik het zie. Als een soort spiegel.  [met telkens luidere stem] Ik vraag me af of jij van plastic bent, met je mooie make up, nette pak. Je lijkt op een barbiepop! Uitvoering ‘young high potential businesswoman’ ofzo…..Ik voel je niet! Ik hoor wat je zegt, maar het klinkt blikkerig, ingestudeerd. Waarom laat je jezelf niet gewoon zien! [luidste stem] WIE BEN JIJ EIGENLIJK ECHT?!

Rianne heeft tranen in haar ogen, na mijn eerste woorden reageerde ze verontwaardigd, en voelde zich aangevallen. Dit maakte snel plaats voor een ENORM KWARTJE dat ik hoorde  vallen…..ze is stil. Kijkt me aan, in de war….Ik houd even mijn mond.

 R: [zonder glimlach] Dit heeft nog nooit iemand tegen mij gezegd….[stil]…Ik had niet door dat….ik realiseerde me echt niet dat….[grote ogen] Is het zo duidelijk?

Ze vertelt hoe ze opgroeide, hoe haar werd geleerd voor zichzelf op te komen, hoe haar ouders vanuit Egypte moesten altijd vechten voor hun plek. Hoe ze altijd ‘schattig’ werd gevonden op school en tijdens haar studie. Hoe vreselijk ze dit vond waardoor ze zich wat stoerder wilde opstellen, ze werd afstandelijk en stond haar mannetje.

Ik vraag haar achterover te leunen, te ontspannen en we raken in gesprek over haar drijfveren. Haar stem wordt lager, ademhaling dieper en haar strakke houding ontspant. Ik zie de natuurlijke Rianne. Ik neem haar mee in hoe maskers werken, hoeveel energie het kost en dat maskers niet kunnen verbinden maar mensen wel.

A: Je hoeft niet zo hard te werken, je bent nog jong, je hoeft niet alles te weten….maar als je jezelf meer laat zien zoals nu ben je veel betrouwbaarder en veiliger. En als je het niet weet is het prima, stel je wat meer open, laat zien als je het weet….en ook als je het niet weet. Dat is prima. Je stem is dieper, je oogt veel fijner en nu voel ik je wel!

R: [tranen in haar ogen]….Nogmaals, dit heeft nooit iemand tegen me gezegd….ik vond het moeilijk te horen…..maar dankjewel.

Rianne komt hierna nog twee keer in gesprek, ze worstelt met het veranderen, maar is zachter, toont meer onzekerheid en ik ervaar haar veel menselijker. Ze vertelt dat ze zich heel bewust is van haar uitstraling, werkt bewust aan ontspanning en oogt als een echt mens.

A: Je bent een soort Pinokkio, je wordt een echt mens! Van vlees en bloed, met onzekerheden, twijfels en moeilijke keuzes. Oprecht, kwetsbaar en krachtig!
R: [lacht enthousiast] Ja! Het voelt fijn en ook nog moeilijk, maar ik durf me meer te laten zien zoals ik ben en dat is heerlijk.

Yasser loopt vast, dat is de schuld van de vrouwen

Yasser komt de Bloeikas binnen. Het is een goedverzorgde veertiger met een baardje. Hij komt in coaching omdat hij ‘het gevoel heeft dat hij zijn volgende carrière stap niet maakt en niet weet hoe het komt’.

Hij vertelt over zijn huidige situatie met een jong gezin met twee dochters, een zieke schoonmoeder en carrière wens om een volgende stap te maken. De man is een waterval, onrustig en vertelt een chaotisch verhaal.

A: Het lijkt me duidelijk Yasser, jij hebt gewoon veel te veel tijd voor jouzelf. En als je veel tijd hebt is er geen druk om te kiezen. Ik zou er nog een nieuwe hobby bij doen ofzo. Of een extra project op je werk? Goed voor je carrière.
Y: [verbaasd] Teveel tijd? Nou, dat valt wel mee hoor…
A: Nou, je hebt twee jonge kinderen, dat is niets. Ik ken een man met vijf kinderen, die heeft een groot bedrijf en alle tijd om te golfen. Jij hebt er maar twee en bent gewoon teamleider. Dus…
Y: [verbolgen] Die doet zeker niets in het huishouden en met de kinderen dan ofzo…
A: [vrolijk] Precies! Hij besteedt dat helemaal uit. Dat is veel fijner. Bovendien is het vaderschap ook wel erg onderhevig aan inflatie. Dus dat kun je wel een beetje laten gaan. En jouw echtgenote, dat is tenslotte toch een vrouw. Dus die kan gewoon wat meer in huis doen, daar is ze ook beter in. Dus geen punt. Jij bent de man, de jager, en zij de verzorger..
Y: [schiet in de lach] Het is eerder andersom…Marlies heeft een heel drukke baan én doet er een opleiding naast.
A: Zie je wel. Jij laat je weer voor het karretje spannen. Dacht ik al. Jouw kinderen, jouw schoonmoeder, Marlies én jouw baas is zeker ook een vrouw.
Y: [vrolijk verbaasd] Ja verrek!
A: Dus jij laat je helemaal piepelen door de vrouwen in jouw leven! [ik geef hem tik op zijn knie] En dat voor een Marrokaan!
Y: [Fel] Ik kom uit Syrië. En daar zorgen we voor elkaar! In Nederland is dat misschien anders maar..
A: [Speels tikje tegen knie] Oh, excuus. Maar dan ben je nog niet helemaal goed ingeburgerd Yasser. Je moet nog leren dat de mannen in Nederland de baas zijn!
Y: [lacht voluit]. Welke cursus is dat? Die wil ik graag doen!
A: [enthousiast met lach] De cursus heet: ‘De man en de vrouw, de keizer en de dienster’ Gaat over de Nederlandse cultuur van het onderdrukken van de vrouw en daar leer je hoe je je verantwoordelijkheid kunt ontlopen, hoe je de taken naar de vrouw delegeert en hoe je af en toe een corrigerende tik uitdeelt, dat is trouwens wel de intensieve opleiding. Dus, wat denk je?
Y: [lacht nog steeds voluit]….waar kan ik me inschrijven!

Yasser en ik zijn uitgelachen, hij lijkt weer te landen en wordt ineens serieus.

Y: Ik realiseer me ineens hoe ongelooflijk druk ik het de laatste tijd heb. Mijn ouders leven niet meer, van mijn vader leerde ik om trots te zijn door voor anderen te kunnen zorgen. En dat is wat ik nu doe. Het maakt me ook trots, maar het is gewoon te veel. Toen jij die opleiding beschreef hoorde ik allemaal dingen die ik doe en zojuist besefte ik me dat ik dat natuurlijk helemaal niet hoef te doen….en nu ik dit zeg hoor ik mijn vader praten….hoe zou hij het vinden dat het me niet lukt?
A: Hij draait zich om in zijn graf. Wat een waardeloze zoon heb ik grootgebracht…ik heb me in Yasser vergist….tssss
Y: [emotie in ogen, teder] Nee Arno, ik ben ervan overtuigd dat hij trots zou zijn als ik wat meer tijd voor mijzelf zou creëren. Vlak voordat hij stierf gaf hij me mee hoe kostbaar tijd is….

Yasser huilt zacht, het lijkt alsof hij zijn vader herinnert. Als hij weer opkijkt heeft hij een vastberaden en zachte uitstraling.

Y: Ik ga in gesprek met mijn leidinggevende, ik heb het te druk en ga zeggen dat ik het moet oplossen. Ik vind het belangrijk mijn kindjes, Marlies en schoonmoeder nu te ondersteunen, als ik een dag minder werk zou me dat heel veel ruimte geven.

Als Yasser is vertrokken ben ik stil. Wat is het toch mooi om met warmte, humor en provocatie te werken en mensen verder te brengen. We deden hierna nog twee sessies, maar dit was echt het keerpunt.

Een zombie wordt wakker

Coen komt voor zijn eerste sessie de Bloeikas binnen, ik krijg het beeld van een zombie. Via zijn werkgever is hij naar me verwezen. Hij is 35, heeft weinig uitdrukking en lijkt niets meer te weten.

Hij gaat zitten, we doen een praatje pot, ik geef hem iets te drinken, het voelt alsof hij verdwaasd en verdwaald is.

A: [opgewekt] Ken je die clip van Thriller van Michael Jackson?
C: [verbaasd] huh, nog eens?
A: Michael Jackson?
C: Ja?
A: Het nummer Thriller?
C: [trekt gezicht] Ja??
A: De clip met de zombies??
C: Euhh…ja???
A: Volgens mij speelde jij daar een rolletje toch? [ik sta op, met lege ogen doe ik een zombie loopje]
C: [scheef glimlachje] Ja…nu………ahh…precies dat.
A: Wat bedoel je? Precies wat??
C: [zwaar] Nou….zo voel ik me inderdaad…..als een zombie…..

Coen begint zijn verhaal te vertellen, hij spreekt eentonig, met een lege blik. Hij vertelt over een aantal indrukwekkende gebeurtenissen en ervaringen de afgelopen vijf jaar. Het overlijden van zijn soulmate, een onveilige relatie, het overlijden van een goede vriendin, zelfmoordpogingen in zijn directe familie en allerlei werk gerelateerde grensoverschrijdende situaties. Zelf ben ik onder de indruk van hetgeen hij me vertelt. In zijn verhaal laat hij ook blijken dat hij het moeilijk vind dat hij vastloopt, hij lijkt het zwak te vinden.

Ik laat hem zijn verhaal vertellen, vraag naar details, naar namen en tijdlijn. Vervolgens ga ik tegenover heb zitten en vertel zijn verhaal zo goed mogelijk tegen hem.

A: Coen, ik wil dat je even je ogen sluit en een aantal keer diep ademhaalt, ik ga je een verhaal vertellen, laat het op je inwerken, ik wil niet dat je reageert, onderbreek me niet en luister goed.

Ik gebruik dezelfde vlakheid, intonatie en namen. Ik vertel vanuit de ‘ik’ vorm, dus ik speel Coen. Ondertussen observeer ik hem, af en toe moet ik hem vertellen zijn ogen gesloten te houden, met name als hij emotioneel wordt, als de tranen vloeien. In totaal ben ik ongeveer tien minuten aan het woord.

A: Ok Coen, je mag je ogen openen…..
C: [snuit zijn neus, dept zijn tranen….en kijkt me aan]
A: Ik heb het hele verhaal vertelt….ik zie dat het je enorm raakt….
C: [timide] Jeetje Arno, als je me dit zo allemaal vertelt…..dan is het inderdaad nogal wat….maar het hoort ook bij het leven, bovendien wil ik mijn werk goed blijven doen…dus…
A: Dat vind ik dus ook Coen! Volgens mij stel jij je een beetje aan….een paar kleine dingetjes….en jij wankelt….de jeugd van tegenwoordig is ook niets meer gewend….[met stemverheffing] je bent gewoon een aansteller! Man, man….een paar mensen overleden, wat zelfmoordpogingen en ingewikkelde werksituaties en Coentje zit huilie huilie op de bank…… [knuisten in ogen, huilmondje, piepstem]…..ik vind het allemaal zo zwaar…..[luid] kom op Coen! Gewoon weer door!
C: [breekt, huilt]…..Nee! Ik kan niet meer….er is zoveel gebeurd, ik ben altijd doorgegaan….maar ik voel dat het echt niet meer gaat….
A: [probeert 😉 de lach uit Thriller na te doen, geeft Coen tik tegen schouder]….whahahahaha…..hahaha…..
C: [lacht hard en huilt tegelijkertijd]…….ik voel me een zombie Arno…..ik kan niet meer….wat moet ik doen……

Coen moet bijkomen, ik ook. We drinken wat water, in stilte en laat het even indalen.

A: Ik ben geen dokter Coen, maar als je nu naar een dokter gaat….denk ik dat hij zegt dat je ziek bent.
C: [kijkt verbaasd op] Oh…
A: En dat hij je adviseert om ruimte te creëren…
C: Oh..
A: En misschien wel te stoppen met werken om beter te worden…
C: [schrikt] Oh…….oh….

Coen blijft nog even zitten en gaat vermoeid weer naar buiten. Een dag later krijg ik een bericht van hem….de dokter sprak over burn-out verschijnselen…Coen is voor nu gestopt met werken en over een week vervolgen we de coaching.

Later is allang begonnen.

Sinds enige tijd heb ik Rudolf in coaching. Een man van 45 jaar, opgegroeid in een ondernemersgezin, zijn ouders hadden vier winkels, op zijn 22e kwam Rudolf ‘in de zaak’. Hij werd op zijn 32e directeur en eigenaar. Zes jaar later verkocht hij de winkels nadat zijn ouders waren gestopt. Momenteel is hij directeur van een bedrijf met 130 werknemers. Hij is getrouwd en heeft twee kinderen. Sinds een jaar voelt hij zich niet meer goed, energie neemt af en is kortgeleden bij de huisarts geweest vanwege lichamelijke klachten.

Hij komt altijd binnen met een hoog energieniveau, goedlachs, altijd in voor gezelligheid en voordat hij binnenkomt is hij altijd aan het bellen. Zo ook deze keer…

A: Hé directeurtje! Klant aan de lijn?
R: Pffff…man man
A: Was het je vrouw?
R: [flauwe glimlach] ….onze productie loopt vast vanwege leveringsproblemen, twee mensen uit mijn management zijn ziek en zojuist hoorde ik dat mijn vader voor de derde keer in het ziekenhuis ligt.
A: Directeurtje, kom eens zitten. [energiek] Man, man wat een leven. Dat jij nog staat! The last man standing. Dat vind ik wel mooi aan jou! Lachen toch?! Lekker hard werken, actie in de tent! Dit is zoals ik je ken!
R: [vermoeide blik, staat nog steeds] Ik weet even niet meer waar ik het moet zoeken…alles komt tegelijk.
A: [pakt bij schouder] Directeurtje….kom eerst eens ff zitten. Of wil je al weer weg? Vind ik ook prima!…….. [R gaat zitten] Ik zou er gewoon mee stoppen als ik jou was. Vrij simpel. Je hebt toch een financiele buffer, je bent klaar met het gezeur en jouw vader heeft je nodig. Wat is eigenlijk het probleem?

R: [diepe zucht, flauwe glimlach en begint te vertellen] Makkelijk lullen Broere!, wat is eigenlijk het probleem? Al mijn hele leven ben ik aan het werk, bezig met de zaak, ouders die het druk hadden….[bla bla bla]….Ook tijdens de eerste jaren in de zaak altijd drukte, gedoe met personeel, maar ik vond het ook mooi….[bla bla bla] En de verkoop van de winkels was natuurlijk emotioneel pittig, maar zakelijk een topbeslissing, en ik vond het ook gaaf dat het lukte….[bla bla bla] En toen moest ik me zo nodig weer inkopen in deze zaak…mijn pa had altijd commentaar, wist het altijd beter….En nu de laatste jaren gaat het zakelijk ook goed, we groeien, ik krijg de boel aan de praat, maar nu met mijn pa….ik had het altijd over later. Later als ik groot ben, of later als ik met pensioen ga….[bla bla bla] Weet je, ik wordt helemaal gek van mezelf. Ik moet altijd overal een mening over hebben, ben altijd bezig, sta altijd aan, vind alles leuk, zakelijk belangrijk, ik loop de hele dag te rennen….En doe het allemaal voor later ofzo. Maar nu met mijn vader…die deed dat ook….. voor later….[R laat zijn hoofd in zijn handen rusten]

Het voelt alsof hij helemaal leeg is, alsof hij zijn hele leven opnieuw heeft beleefd en zich overgeeft. De energie is he-le-maal weg.

A: [schopje tegen knie, guitig, uitdagend] Weet je directeurtje? Ik vind dat je nogal overdreven reageert, je hebt het een beetje druk, wat kleine tegenslag en je ligt direct op apegapen. Tjongejonge zeg. Vroeger…….in de tijd van jouw vader waren er nog échte ondernemers……niet klagen maar dragen! Jouw vader had toch gelijk. Je bent geen echte ondernemer! Maar gelukkig leeft je vader nog, dus die kun je gewoon weer om advies vragen.
R: [ongeloof, bozig en vervolgens staat hij op, hoog tempo]. Ik geen ondernemer! Heb je net niet geluisterd? Wat ik allemaal doe, hoe hard ik werk, hoe ik leerde, hoe betrokken ik ben en hoe ik het familiebedrijf verder bracht…..[stopt, kijkt me verbaasd aan]

R: Arno, weet je dat ik mijn vader nooit heb verteld hoeveel ik van hem heb geleerd, hoe ik tegen hem opkeek, ik vond hem altijd een betweter, vervelend omdaf hij altijd weerwoord had, maar ik heb zo ongelooflijk veel van hem opgestoken, overgenomen en écht gezien wat ondernemen betekent. En hij wist heel goed oplossingen te vinden en indien buiten zijn invloedsfeer juist daarin te berusten…

De energie komt terug, de lach en de trotse Arthur komt tot leven….Arthur vertrekt, ik blijf een beetje verbaasd achter.

Twee weken later is Arthur er weer. Als ik hem vraag naar wat er nu gebeurde vorige keer antwoord hij: ‘Het voelde als een achtbaan, jouw geplaag maakte me boos en ook energiek. Mijn blik op mijn vader veranderde. En toen ik me realiseerde dat er problemen zijn die ik kan oplossen en situaties waarin ik geen invloed op heb, zoals mijn vader altijd zei, ontstond er enorme ruimte en voelde ik dat ik de goede dingen doe. En meer dan dat kan ik niet.’

Met een warme glimlach vertelde Arthur dat hij bij zijn vader was geweest en hem verteld hoe veel hij van zijn vader had geleerd en zijn strubbelingen in het leven, hard werken voor later enzo. ‘En toen zei mijn vader: Arthur, later is allang begonnen’

Er volgde een mooi vader en zoon gesprek, Arthur realiseerde zich dat hij nog steeds de goedkeuring van zijn vader zocht, het gesprek deed hem enorm goed. Arthur zijn vader is overigens weer thuis….

Waarom geven we apen zwemles?

Rudi komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen, hij werkt als manager op de Zuidas, is 43 jaar en loopt vast. Hij komt een beetje over als een nerd, slim, bril en vooral op de feiten en inhoud.

A: [enthousiast] Rudi, de eerste keer dat ik je zag dacht ik direct: dat is een slimme man, en ook een echte nerd!
R: [beetje in de war] Een echte nerd?!
A: [met kracht] Ja man, bril, kijkt slim uit zijn ogen, beetje klunzig, beetje techneut, een echte nerd dus!
R: En is dat goed of slecht?
A: Tja….ik heb geen idee…wat vind je eigenlijk zelf?
R: Ik ben wel goed in mijn vak!
A: [flauwtjes] Tja….dat zal wel.
R: [passievol] Weet je? Misschien ben ik wel een nerd, maar ik weet precies waar ik het over heb, ik ben een echte technoloog en kon me helemaal verliezen als ik in het lab werkte. Dat was te gek!
A: Wat is dan eigenlijk het probleem?
R: Sinds ik manager ben…tja…weet ik het niet meer ofzo….raar toch?
A: Volgens mij ben je een aap met zwemdiploma’s!

Veel managers die bij me in coaching komen zijn zonder dat ze het beseffen in een totaal andere context belandt. Ze lopen vast en begrijpen niet precies hoe het komt. Veel organisaties vragen vaardigheden van werknemers die niet natuurlijk voor ze zijn, waar ze te veel moeite voor moeten doen.

Apen horen in de jungle, daar weten ze hoe het werkt, waar ze veilig zijn, waar ze voedsel halen, waar ze kunnen slapen et cetera. Organisaties gooien die apen vaak in de zee, geven ze zwemles, diploma A, B en C én een cursus reddingzwemmen om ze vervolgens aan de slag te laten gaan. Die apen moeten dan ongelooflijk hard werken om zich staande te houden, ze kunnen wel een beetje zwemmen, maar nooit zo goed als de andere dieren in de zee, de vissen.

Dus werknemers krijgen allerlei trainingen, communicatietraining, conflicthantering, positieve feedbacktraining et cetera. Diploma A, B en C dus….terwijl die apen het helemaal niet echt vóelen, echt snappen waar ze terecht zijn gekomen. In de zee wordt een andere taal gesproken, is een ander ritme, en zijn andere vaardigheden van belang. Dus ze werken zich het apelazarus, gebruiken veel meer energie dan de vissen en nóg lukt het niet. Terwijl ze vroeger in de jungle moeiteloos in bomen klommen, via lianen van de ene naar andere plek gingen en vanuit hun oorsprong konden functioneren.

Organisaties moeten beter nadenken over in welke context hun mensen goed functioneren, een goede technoloog hoort in zijn jungle. Uiteraard moeten ook de mensen zelf goed beseffen waar ze moeiteloos hun werk kunnen doen. Dat wil niet zeggen dat er soms hard gewerkt wordt voor resultaat, maar alle energie die een aap verliest in de zee kan hij niet steken in zijn werk in de jungle. Daar waar hij kan excelleren.

Nadat ik Rudi had meegenomen in bovenstaande was hij stil…hij keek me geroerd en verbaasd aan. We praatten nog een beetje na en Rudi vertrok. Twee weken later zag ik hem terug.

A: Hoe is het ondertussen met je?
R: Ik ben een aap met zwemdiploma’s. Ik hoor niet in de zee! ……[lange stilte]………
R: [met overtuiging en grote lach] Ik ga terug! Terug de jungle in!
A: [argwanend] Nou Rudi…rustig aan jongen. Ik zie het jou niet doen!
R: [lacht]…echt!
A: Wil je een banaan om het te vieren?!

Inez wist het eigenlijk al

Inez is een jonge vrouw van eind twintig, ze komt voor haar vierde sessie, de aanleiding is vermoeidheid. De eerste keer dat ze kwam was ze uitgeput en lusteloos, na die eerste sessie is ze via de bedrijfsarts ziekgemeld. De jaren hiervoor waren heel erg roerig, Inez had te maken met verlies en rouw, veranderingen van werkgever, oppakken van studie en een impactvolle verhuizing. De rust deed haar goed, de gesprekken over grenzen, haar patronen en  doorzetten gaven inzicht.

We zijn twee maanden in gesprek, ze is opgeknapt, voelt meer rust en stevigheid en we zijn in gesprek over haar relatie.

A: Hoeveel ruimte ervaar jij thuis?
I: Nou, nu overdag is het heerlijk. is Alfred aan het werk, en ik geniet en het is rustig.
A: Dus eigenlijk moet Alfred maar weg.
I: [geschrokken] Nee….natuurlijk niet!
A: [lacht] Nee, tuurlijk niet. Wat moet je zonder hem.
I: [weifelend] Ja….eh…precies dat
A: En met al die ruimte die je zelf kunt invullen. Hij bepaalt gelukkig hoe jij die indeelt en hoe jij jouw leven inricht. Dus dat is wel fijn, hoef je dat zelf niet te doen. Bovendien, in deze tijd, een vrouw alleen…….wil je nog een kop koffie?
I: [afwezig] eh, ja……

Ik sta op om koffie te maken. Inez blijft zitten.

Ze heeft in een eerder gesprek vertelt dat haar vriend zakelijk plannen heeft die ingrijpend zijn voor haar, wederom een verhuizing, meewerken in zijn bedrijf en daarmee het loslaten van haar eigen koers.

Als ik terugkom zit ze door het raam te staren, ze is in gedachten verzonken. Nadat ik ben gaan zitten kijkt ze me verbaasd aan.

I: eh, wat bedoel je eigenlijk?
A: Nee niks, je had toch geen melk in jouw koffie?
I: [verward] huh, nee. Of nou ja.
A: Precies dat. Lijkt me gewoon beter. Geen melk en vooral geen suiker. Dus wanneer gingen jullie ook alweer op wintersport?
I: [geïrriteerd] Wat bedoelde je net!
A: Gewoon, jullie zouden toch gaan skiën?
I: Nee….daarvoor!
A: [quasi verbaasd, lacht] Gaan jullie daarvoor ook skiën? Wat bedoelde jij nu eigenlijk?
I: Nou, over de relatie met Alfred!
A: Ah, dat. Het is fijn dat hij jouw leven indeelt toch? En wat zou jij zonder hem moeten. Hij brengt stabiliteit, toekomst en jij kunt je heel goed schikken. Dus dat bedoel ik….En jij hebt ook niet veel nodig, zeker geen ruimte toch?
I: [voorzichtig] Nou….wat je nu zegt, daar heb ik wel over nagedacht.
A: [tik op knie] Fijn! Dat is altijd goed. En je bent tot de conclusie gekomen dat het goed is toch?
I: Als het gaat over ruimte….en MIJN leven….Alfred doet helemaal zijn eigen ding. Hij gaat helemaal voor zijn nieuwe zaak, of ik het nou leuk vind of niet. Hij zegt dat hij het samen met mij wil doen….maar….


Inez vertelt dat ze zich nu realiseert hoeveel ze aanpast, dat ze na haar roerige jaren een soort veiligheid bij Alfred voelde, maar haar eigen koers helemaal heeft losgelaten. Nu merkt ze hoeveel hij bepaalt en hoe weinig rekening hij met Inez houdt. Tijdens het gesprek merkt ze dat het al heel lang dwarszit, maar dat ze het nooit eerder zo kon zien. Ze is nu bezig haar grenzen beter aan te geven op haar werk, en merkt hoe goed dat voelt en ook wat het aan ruimte en lucht oplevert. Ze realiseert zich nu hoe ze dat thuis ervaart. Ze gaat een beetje beduusd naar huis en ook met een duidelijke opdracht om het thuis te bespreken.

Twee weken later komt ze de Bloeikas binnen. Ze wil me duidelijk iets vertellen.

A: [vrolijk] Vol verwachting klopt mijn hart…vertel Inez!
I: [stralend] Ik heb de relatie verbroken!

Ze vertelt me hoe ze het de avond na onze sessie aan Alfred voorlegde, ze gaf aan dat ze niet nogmaals wilde verhuizen en geen zin had om met hem te gaan meewerken in zijn nieuwe zaak. Hij schrok ervan en het was een pittig gesprek. Toen ze er een paar dagen later nogmaals over spraken bleek dat hij niet voornemens was zijn plannen aan te passen, zijn nieuwe zaak en de verhuizing kregen prioriteit boven de relatie.

Toen maakte Inez het uit. Vertrok, nam haar spullen mee naar een vriendin waar ze tijdelijk kan inwonen. Uiteraard was er verdriet bij haar, maar tegelijkertijd een enorme opluchting. Ze besefte hoeveel ze was aangepast en dat ze haar eigenheid en koers had losgelaten vanuit angst en de geboden veiligheid.

Nu voelt zich weer krachtig, met plezier in werk, weer aan het opbouwen, geeft grenzen duidelijker aan en ervaart heel veel ruimte om haar eigen leven vorm te geven.

Na deze sessie heb ik haar nog twee keer gezien, ze is op koers, voelt zich vrij en ziet ook vooral in hoe haar patroon versterkt werd in onzekere tijden. Terugkijkend liet ze haar eigenheid gaan toen ze vijf jaar geleden in zeer roerige tijden verzeild raakte.

Ze durft weer te spelen, maakt eigen keuzes, voelt zich luchtiger en heeft weer de energie om zich te richten op datgene wat voor haar belangrijk is.

I: Toen we elkaar vier maanden geleden voor het eerst spraken had ik dit nooit verwacht. Maar als ik heel eerlijk ben wist ik het eigenlijk al heel lang, dat dit een keer ging gebeuren. Het was moeilijk, maar ik ben heel erg blij dat ik de keuze heb gemaakt.

Grutte Pier of de GVR…

Sybe komt voor het eerst de Bloeikas binnen. Het is een man van begin veertig die in zijn werkkleding binnen komt. Het is een reus! Een reus uit noord Friesland, ongeveer twee meter, honderdvijftig kilo en alles aan hem is groot.

Hij geeft me een enorme hand en stelt zich voor ‘SYBE!’ zegt hij met luide stem, hij kijk me indringend en bozig aan en neemt plaats…..ik ben onder de indruk.

Sybe komt via zijn werkgever, hij werkt in een productie omgeving in de transportsector. Dit is een man die niet gewend is om over zichzelf te praten en ik heb zijn vertrouwen nog niet.

A: Jemig Sybe, ik ben onder de indruk! Wat ben jij groot!
S: [fronst] Dat klopt.
A: Nou ik vind je niet gewoon groot, een reus!
S: [glimlach] Nou…
A: [met veel gebaar en enthousiasme] Een soort woeste Fries. Ik weet het, je bent een afstammeling van Grutte Pier!
S: [lacht hard] Ja? Vind je mij een reus?
A: Nou, ik weet het niet, maar ik denk dat jij twee keer zo groot en sterk bent als ik….en ik vind mezelf geen kabouter!
S: [lacht nog harder] Nou ja, ik ben inderdaad niet de kleinste. Maar een reus……[lacht nog wat]….Grutte Pier….mooi!
A: En dan denk ik? Wat kan een reusachtige man zoals jij nou eigenlijk voor een probleem hebben. Misschien stoot je jouw hoofd dagelijks en ben je daarom soms in de war….maar verder….kan ik me niet voorstellen dat jij een probleem hebt. Dus wat kom je eigenlijk doen?
S: [weer de lach] Nou, ik heb een harde kop hoor….dus dat is het niet…
A: Mooi. Wat is het dan wel?

S: [zijn gezicht veranderd en wordt onzeker] Nou….het gaat gewoon niet zo goed met me.
A: Dan hoop ik wel dat het heel erg groot is, jouw probleem bedoel ik, een reuzeprobleem!
S: [valt stil]…..het is allemaal wel wat moeilijk….om te zeggen…..wij praatten vroeger nergens over……het begon na mijn scheiding een aantal jaren geleden…
A: [vrolijk] Nou, dat lijkt me heerlijk, lekker veel ruimte voor jezelf, ik denk dat jouw partner klem zat, jij bent zo groot, dus de reus kan zich weer vrij bewegen. Alleen misschien iets te veel ruimte. Ben je eenzaam?
S: [grote ogen]….Nou…..eh…..misschien wel ja
A: Misschien? Heb je iemand die aandacht voor je heeft of niet? Anders ben je eenzaam toch?
S: [waterige ogen] Ik zorg niet goed voor mezelf, ik heb eigenlijk geen vrienden en voel me vaak te veel….
A: [tik tegen kuit] Ja! Je bent ook teveel! Dus dat klopt. Jij neemt zoveel ruimte in dat…..
S: [zacht] Juist niet….ik probeer me zoveel mogelijk aan te passen aan…
A: Ben je vroeger gepest?
S: [schrikt] Eh…..op de basisschool….toen was ik..
A: [onderbreekt] Dus jij hebt geleerd om je aan te passen, stil te zijn en zoveel mogelijk zorgen dat niemand je iets kan doen…..alleen voor een reus is het lastig om zich te verstoppen toch?

Sybe begint een heel verhaal over zijn jeugd, het plotselinge verlies van zijn moeder, hoe hij en zijn gezin niet wist om te gaan met de emotie, vervolgens het pesten om de basisschool, zijn ongemak in sociale situaties, hoe lief hij is voor zijn grootouders en zijn gevoel van eenzaamheid, niet goed genoeg zijn, hieruit volgende verslavingen et cetera.

Sybe vertelt, ik bevraag hem, maak lol met hem en zorg dat hij tot de kern komt. Hij toont zijn onzekerheid en is heel kwetsbaar. Ik smelt voor deze man.

S: [kijkt me aan met een vermoeide blik] Nou. Dat is het.
A: Voor iemand die niet goed over zijn gevoel praat Sybe, heb je net een mooi verhaal verteld.
S: Ja he?
A: Ja man. Een mooi en ook verdrietig verhaal. Ken jij de GVR?
S: huh
A: De Grote Vriendelijke Reus. Dat ben jij Sybe, jij bent een grote en vriendelijke reus. Maar jij hebt een boze uitstraling, je bent imposant groot en luid. Dat is jouw manier om mensen op afstand te houden, dat is gekomen door het pesten van vroeger. Jij laat mensen maar heel moeilijk toe. En ze vinden je een rare kwibus die ze met rust laten. Maar zolang jij jezelf niet laat zien….

Sybe luistert aandachtig en hij geeft blijk van veel herkenning. De spanning en bozige uitstraling zijn verdwenen en hij lijkt zich helemaal ok te voelen.

Sybe is een typisch voorbeeld van een man die anderen niet dichtbij laat komen en het hierdoor moeilijk vind om te verbinden. Door met hem te spelen in het begin van de sessie, mijzelf kwetsbaar op te stellen en te benoemen wat ik ervoer lukte het snel om zijn vertrouwen te winnen, hij vertelde zijn hele verhaal….

Sybe vertrekt opgelucht, zelf ben ik eigenlijk ook wel opgelucht. Omdat ik de moed had mijn intuïtie te volgen en uit te spreken alsook omdat het weer lukt om met deze totaal andere man dan ikzelf  te verbinden.

High five voor Edith

Edith komt voor de tweede keer de Bloeikas binnen, een slimme, zorgelijke en onzekere dame. Ze doet me denken aan een lief en angstig klein muisje dat heel goed om zich heen kijkt, snel iets te eten pakt als het veilig is en dan direct weer door het gaatje verdwijnt.

Ze is rond de vijftig, is getrouwd en heeft vijf kinderen waaronder een drieling. Haar leven is anders gelopen dat ze had gehoopt. Ze groeide op in een gezin waarin veiligheid en voorspelbaarheid keuzes domineerden. Ze begon een studie culturele antropologie (haar ogen schitteren nog steeds als ze daar over vertelt), echter na twee jaar ging ze toch maar accountancy doen (net als haar vader) vanwege baankansen. Ze studeerde in Amsterdam en voelde zich goed en vrij.

Ze kon (via haar vader) een baan krijgen bij een groot accountantskantoor…..en daar werkt ze nog steeds. Ze ontmoette haar huidige man nog voor ze ging studeren, een stabiele en lieve vent. Sinds bijna tien jaar is hij langdurig ziek en kan daardoor niet langer het uitdagende werk doen wat hij deed, hij is voornamelijk huisman en daarmee niet gelukkig. En dan zijn er vijf kinderen tussen de 17 en 25 waarover ze zich zorgen maakt.

Tijdens het eerste gesprek vertelde ze me het hele verhaal, ze leek zich er voor te schamen, er waren veel tranen en ze leek zich te hebben neergelegd bij haar lot. Dus het eerste gesprek ging deels als hieronder beschreven.

E: Mijn man vind zichzelf helemaal mislukt, een loser.
A: En als ik jou dit hoor zeggen denk ik……dat klopt! Hij voegt natuurlijk helemaal niets toe. Mislukt dus!
E: Nou…hij is wel lief en kan heerlijk koken.
A: Precies! Mislukt toch? Dat is toch geen man, zeg nou zelf….dat vind je toch zelf ook!
E: Nou…hij is echt lief… en kan natuurlijk niets aan zijn ziekte doen….maar hij zou heus wel iets meer initiatief kunnen nemen…hij is zo…..
A: [lacht] Hij is heel lief…..de lieve loser
E: [schuldige blik] Ja….ik vind hem eigenlijk ook wel een loser….[breekt, tranen met tuiten]
A: [vrolijk] Dus daar zijn jullie het over eens! Mooi toch!
E: [lacht en huilt] Nou, mooi….weet ik niet….maar het lucht wel op om dit eens te zeggen.

Gedurende het gesprek blijkt dat Edith helemaal geen eigen ruimte heeft (en neemt). Ze is kostwinner en werkt hard. Thuis deelt al haar eigen ruimte met vooral haar kinderen.

Ze loopt al haar kinderen langs met hun problemen, studieresultaten en ik hoor hoe beschermend ze voor de kinderen is. Ze vertelt bedeesd.

A: ok, Julian, de oudste heeft na een moeilijke start zijn studie bijna afgerond, heeft een leuke vriendin en is klaar voor de volgende stap. Dat klopt toch?
E: Ja.
A: [high five met Edith]. Goed gelukt!

A: Twee van de drieling zijn aan het studeren toch? En Jan heeft zijn MBO afgerond en is lekker aan het werk toch? Zijn ze verslaafd?
E: Eh, nee…?
A: In aanraking met justitie?
E: [glimlacht] Nee…ook niet.
A: Denk je dat ze gelukkig zijn?
E: [lacht] ja…volgens mij wel
A: [high five met Edith] Four down, one to go!

A: De jongste…..tja…..die gaat voor galg en rad.
E: [lacht] Nou…dat valt wel mee denk ik
A: Hij heeft het moeilijk toch? Problemen op school, wil niet luisteren. Maar hij is zeventien, een puber, wil ruimte die hij niet krijgt. Lijkt me vrij normaal pubergedrag toch? Herken je wat hij voelt?
E: Nou….niet altijd….maar ik snap hem wel hoor.
A: Maar hij is verloren…..het zwarte schaap….dus jouw bezorgdheid is terecht….ik denk dat de politie binnenkort aan de deur staat….dat je hem mag bezoeken….twee keer per maand…
E: [schiet in de lach] Nou, zo erg is het echt niet hoor, hij doet zijn best en heeft veel vrienden. Dat het niet lukt op school snap ik wel….hij heeft gewoon een andere interesse op dit moment…maar dat komt…[realiseert zich wat ze zegt en haar blik veranderd]
A: [high five met Edith, met veel energie en enthousiasme]….Gelukt! Edith…..al.jouw.kinderen.zijn. gelukt!!!!!

Ze komt nu binnen voor de tweede keer, ik vroeg haar wat het meest is bijgebleven van de vorige sessie.

E: [twinkel] De high fives! Toen ik naar huis reed vorige keer had ik een ander perspectief, de kinderen zijn veel verder dan ik dacht. De afgelopen weken heb ik ook met een andere bril naar ze kunnen kijken. Ik ben eigenlijk heel trots hoe wij het als gezin doen en hebben gedaan de afgelopen tijd!…..en toen je het had over eigen ruimte…..
E: [met een beetje schuldige maar vrolijke blik] Ik heb het wielrennen weer opgepakt, ik heb afgelopen weken iedere zondag weer gefietst! Heerlijk….

Edith onthield dus het spelen, de positieve energie met warmte naar de feitelijke situatie. Het is mooi te merken hoe je mensen kunt raken door niet mee te gaan in hun zorgelijke energie, maar juist te spiegelen en met warmte uit te dagen.

De kern van provocatief werken is om mensen met warmte, humor en uitdaging in beweging te krijgen. Bij Edith is dat gelukt!